VASTLEGGING STATUTEN ROTARYCLUB EINDHOVEN

EM.TA 04.0364/99682

Heden, twee en twintig december tweeduizend vier, verscheen voor mij, mr. MAARTEN WILLEM VAN DER ZANDEN, notaris te Eindhoven

1. de heer XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX, geboren te XXXXXXX op XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX, van Nederlandse nationaliteit (paspoort nummer XXXXXXXXX), wonende te XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXnXX, gehuwd;

2. de heer XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX, geboren te XXXXXXXX op XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX, van Nederlandse nationaliteit (paspoort nummer XXXXXXXXX), wonende te XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX, gehuwd.

De verschenen personen, hierna ook te noemen de comparanten, verklaarden dat op zeven en twintig september tweeduizend vier, Rotary Club Eindhoven, van welke club zij voorzitter respectievelijk secretaris zijn unaniem heeft besloten de statuten te willen opnemen in deze notariële akte. De notulen van de betreffende vergadering worden aan deze akte gehecht. Ter uitvoering van het besluit van gemelde vergadering, stellen de comparanten vast dat de statuten van Rotary Club Eindhoven, luiden volgt:

artikel 1

Naam, plaats van vestiging en clubjaar

1. De vereniging, hierna aan te duiden als: de club, draagt de naam: Rotaryclub Eindhoven.

De club is lid van Rotary International (internationaal nummer 10549).

2. De club is gevestigd te Eindhoven.

3. De club is opgericht op vier september negentienhonderd een en dertig, heeft als clubnummer nummer 068 en hoort tot het district 1550.

4. Het clubjaar loopt van een juli tot en met dertig juni; het boekjaar is gelijk aan het clubjaar.

artikel 2

Gebied

Het gebied van de club is Eindhoven en omgeving.

artikel 3

Doel

Het doel van de club is het aanmoedigen en aankweken van het ideaal van dienstvaardigheid als grondslag van een waardige ondernemingsgeest en in het bijzonder het aanmoedigen en bevorderen van:

1. het beter leren kennen van anderen als een gelegenheid tot dienstvaardigheid;

2. de toepassing van hoge ethische normen in bedrijf en beroep, de erkenning van de waarde van iedere nuttige functie en het waarderen van de eigen werkkring door iedere rotarian als middel om de maatschappij te dienen;

3. de toepassing van het ideaal van dienstvaardigheid door iedere rotarian in zijn persoonlijk, zakelijk en maatschappelijk leven;

4. internationaal begrip, goede onderlinge verstandhouding en vrede door een wereldomvattende kameraadschap van mensen, die werkzaam zijn in een bedrijf of beroep en verenigd zijn in het ideaal van dienstvaardigheid.

artikel 4

Clubbijeenkomsten

1. a. De leden komen wekelijks bijeen op een vaste dag en op een vast uur, gelijk in het huishoudelijk reglement is bepaald.

b. Het bestuur is bevoegd om enige deugdelijke reden een wekelijkse bijeenkomst te doen houden op een andere dag, mits gelegen na die, waarop de wekelijkse bijeenkomst laatstelijk werd gehouden en voor die, waarop de eerstvolgende wekelijkse bijeenkomst zal worden gehouden, dan wel een wekelijkse bijeenkomst op een ander uur te doen aanvangen of op een andere plaats te doen houden.

c. Het bestuur kan een wekelijkse bijeenkomst doen vervallen, indien zij valt op een algemeen erkende feestdag, wegens overlijden van een lid of wegens een de gehele samenleving treffende epidemie of ramp.

Het bestuur kan, dit te zijner beoordeling, gedurende een clubjaar ten hoogste vier wekelijkse bijeenkomsten doen vervallen wegens een andere reden dan in de vorige zin genoemd, mits niet meer dan drie direct opeenvolgende bijeenkomsten komen te vervallen.

2. Voor een en dertig december van elk clubjaar wordt een buitengewone clubbijeenkomst (jaarvergadering) gehouden. Tijdens die bijeenkomst worden, met inachtneming van het bepaalde in het huishoudelijk reglement, de functionarissen, als bedoeld in artikel 8, verkozen.

3. Behoudens het bepaalde in artikel 17 lid 3, kunnen tijdens een clubbijeenkomst door de leden slechts rechtsgeldige besluiten worden genomen, indien de meerderheid van de leden aanwezig is. Indien dit quorum niet aanwezig is, wordt het desbetreffende onderwerp tijdens een volgende clubbijeenkomst, gehouden binnen acht dagen na de eerste, opnieuw aan de orde gesteld; tijdens die volgende bijeenkomst kan over dat onderwerp rechtsgeldig worden besloten, ongeacht het aantal aanwezige leden.

Stemmen bij volmacht is niet toegestaan.

Stemming geschiedt op de wijze als in het huishoudelijk reglement is bepaald.

artikel 5

Lidmaatschap

1. Algemene vereisten voor het lidmaatschap

Voor het lidmaatschap van de club komen in aanmerking meerderjarige personen, die te goeder naam bekend staan en in het bedrijf of beroep, waarin zij werkzaam zijn, een goede reputatie genieten.

2. Soorten lidmaatschap

De club kent twee soorten leden, te weten:

- werkende leden, als bedoeld in lid 3 ("Active Members"), in deze statuten aangeduid met "lid" ("leden") dan wel "werkend lid" ("werkende leden");

- ereleden, als bedoeld in lid 5 ("Honorary Members").

Ereleden zijn geen leden als bedoeld in Boek 2 Burgerlijk Wetboek, hen komen derhalve slechts de rechten toe zoals vermeld in artikel 5 lid 5.

3. Werkende leden ("Active Membership")

a. Een persoon die de vereisten bezit zoals hieronder omschreven, kan tot lid van de club worden gekozen.

b. Tot lid kunnen worden verkozen zij, die zich onderscheiden en werkzaam zijn in:

1. een goed bekend staand bedrijf of een dito beroep uitoefenen;

2. gepensioneerd zijn doch een functie hebben vervuld zoals hiervoor bedoeld.

De hiervoor bedoelde personen dienen tevens hun werkomgeving dan wel woonplaats in het gebied van de club dan wel het omliggende gebied te hebben.

4. Dubbel lidmaatschap

Een lid kan niet gelijktijdig lid van de club en van een andere Rotaryclub zijn. Een lid kan niet tevens erelid van de club zijn. Een lid kan niet lid van de club en tevens lid van een Rotaract club zijn.

5. Ereleden ("Honorary Membership")

a. Benoembaarheid tot Erelid

Personen, die op verdienstelijke en eerbare wijze de Rotaryidealen hebben bevorderd, kunnen tot erelid van de club worden verkozen. Personen kunnen erelid zijn van meer dan één club.

b. Rechten en voorrechten

Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van entreegeld en contributie; zij hebben geen stemrecht en zijn niet verkiesbaar in een functie binnen de club. Zij worden niet geacht een classificatie te vertegenwoordigen. Zij hebben evenwel het recht alle clubbijeenkomsten bij te wonen en genieten alle andere voorrechten die de club haar leden verschaft. Een erelid van de club kan geen aanspraak maken op rechten of voorrechten terzake van een andere Rotaryclub, met uitzondering van het recht om andere club te bezoeken zonder de gast van een Rotarian te zijn.

artikel 6

Classificaties

1. Classificaties

a. Hoofd Activiteit

Elk lid wordt ingedeeld in een classificatie overeenkomstig het bedrijf of beroep, waarin dit lid werkzaam is.

De classificatie van ieder lid van de club moet in overeenstemming zijn met de meest kenmerkende werkzaamheden, die verricht worden in de onderneming of instelling, waaraan dit lid is verbonden, dan wel in het bedrijf of beroep, waarin dit lid werkzaam is.

b. Aanpassing classificaties

Het bestuur is bevoegd om, dit te zijner beoordeling, de classificatie van een lid, wiens lidmaatschap nog niet is geëindigd, te verbeteren of aan te passen, indien de omstandigheden een dergelijke maatregel rechtvaardigen.

Het betrokken lid wordt tijdig van de voorgenomen wijziging op de hoogte gesteld en, zo dit lid dat wenst, terzake door het bestuur gehoord.

2. Beperkingen

Het is niet toegestaan om een persoon als lid toe te laten indien de club reeds vijf of meer leden met dezelfde classificatie heeft, met dien verstande dat, indien de club meer dan vijftig leden heeft, de club net zoveel personen met dezelfde classificatie als lid kan toelaten mits hun aantal niet meer dan tien procent (10%) van de leden uitmaakt.

Gepensioneerde leden zullen niet meetellen bij het bepalen van het aantal leden met dezelfde classificatie.

Bij verandering van classificatie van een lid zal zijn lidmaatschap met de nieuwe classificatie worden gecontinueerd ongeacht voormelde beperkingen.

artikel 7

Aanwezigheidsplicht (attendance) en vrijstellingen

Een lid is vrijgesteld van de plicht de clubbijeenkomsten als geregeld in artikel 10.4 bij te wonen indien:

1. zijn afwezigheid wordt veroorzaakt door langdurige slechte gezondheid, en het bestuur deze afwezigheid goedkeurt;

2. hij aan de secretaris van de club schriftelijk heeft verzocht (casu quo zijn verlangen heeft kenbaar gemaakt) te worden vrijgesteld van de verplichting de clubbijeenkomsten bij te wonen en het bestuur dit heeft goedgekeurd.

artikel 8

Functionarissen

1. Het bestuur bestaat uit een door het bestuur, onder goedkeuring van de leden van de club, te bepalen aantal van ten minste vijf leden. De leden van het bestuur worden door de leden van de club benoemd in de vergadering, bedoeld in artikel 4 lid 2.

2. Voor zover in deze statuten niet uitdrukkelijk anders is bepaald, is een besluit van het bestuur in alle clubaangelegenheden bindend, behoudens het recht van beroep van ieder lid op de ledenvergadering.

Het bestuur houdt toezicht op alle functionarissen en commissies en kan, om deugdelijke redenen, een bepaalde functie openstellen. Het treedt op als beroepsinstantie ten aanzien van beslissingen van alle functionarissen en ten aanzien van handelingen van alle commissies.

Van ieder besluit van het bestuur staat beroep open op de leden, met uitzondering van een besluit tot het beëindigen van het lidmaatschap, als bedoeld in artikel 10 lid 2, onder a. en onder c., lid 4 en 5. Een besluit, waartegen beroep is ingesteld, kan door de leden slechts ongedaan worden gemaakt met een meerderheid van ten minste twee/derde van de stemmen van de tijdens een daartoe door het bestuur aangewezen wekelijkse bijeenkomst aanwezige leden. Van dit beroep worden alle leden ten minste vijf dagen voor die bijeenkomst door de secretaris in kennis gesteld.

3. De functionarissen van de club zijn, naast eventuele andere met toepassing van lid 1 benoemde bestuurders, een voorzitter, een inkomend voorzitter, de voorzitter van het vorige jaar (gewezen voorzitter), een secretaris en een penningmeester, die allen bestuurder zijn.

De gewezen voorzitter draagt tevens de titel van vice-voorzitter.

Alle hiervoor in dit lid met hun functie aangeduide functionarissen worden door de leden in functie gekozen.

4. a. Iedere functionaris wordt verkozen op de wijze als in het huishoudelijk reglement bepaald en zal, behoudens voor zover met betrekking tot de voorzitter anders is bepaald, in functie treden op één juli, onmiddellijk volgend op de verkiezing tot functionaris en vervult deze functie gedurende de periode van benoeming; met dien verstande, dat een functionaris eerst aftreedt nadat een opvolger is verkozen en deze die functie heeft aanvaard.

b. Met inachtneming van hetgeen het huishoudelijk reglement daaromtrent bepaalt, wordt de voorzitter ten hoogste twee jaar en ten minste achttien maanden, voorafgaande aan de dag, waarop de benoeming tot voorzitter ingaat, verkozen.

De inkomende voorzitter is lid van het bestuur gedurende het jaar, voorafgaande aan dat, waarin het voorzitterschap aanvangt. De voorzitter treedt in functie op één juli van het clubjaar, waarvoor hij als voorzitter is verkozen en vervult die functie gedurende de periode, waarvoor hij werd verkozen, met dien verstande, dat hij eerst als zodanig aftreedt nadat een opvolger is verkozen en deze die functie heeft aanvaard. Nadien blijft hij als gewezen voorzitter lid van het bestuur totdat één jaar is verstreken na verloop van het jaar, waarvoor hij als voorzitter werd verkozen.

c. Lid van het bestuur of andere functionaris kan slechts zijn een goed bekend staand werkend lid. Tot goed begrip van de verplichtingen en verantwoordelijkheden als voorzitter dient de inkomend voorzitter de districtbijeenkomst, bedoeld ter voorbereiding van de inkomend voorzitters op hun functie van voorzitter (PETS) en de Rotary District Assembly bij te wonen, tenzij de inkomende gouverneur aanvaardt dat de inkomend voorzitter die districtsbijeenkomst of District Assembly niet bijwoont. In die gevallen dient hij zich te doen vertegenwoordigen door een daartoe aangewezen vervanger, die hem van die districtsbijeenkomst of District Assembly verslag uitbrengt.

5. De leden zijn bevoegd een functionaris, als in lid 3 bedoeld, te ontslaan. Het besluit daartoe kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de stemmen van de tijdens de desbetreffende clubbijeenkomst aanwezige leden.

6. Het bestuur kan slechts geldige besluiten nemen, indien de meerderheid van de leden ter vergadering aanwezig is.

artikel 8a

Bestuursbevoegdheid/vertegenwoordiging

1. Het bestuur is bevoegd tot het verrichten van alle rechtshandelingen, met dien verstande dat de besluiten tot het aangaan van overeenkomsten als vermeld in artikel 2:44 van het Burgerlijk Wetboek slechts kunnen worden genomen met goedkeuring van de algemene vergadering.

Op het ontbreken van vermelde goedkeuring van de algemene vergadering kan door en jegens derden een beroep worden gedaan.

2. Indien het bestuur niet voltallig is, behoudt het niettemin zijn bevoegdheden, onverminderd de verplichting van het bestuur om in de vacature te doen voorzien.

3. De club wordt vertegenwoordigd door het bestuur. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt bovendien toe aan twee gezamenlijk handelende leden van het bestuur.

artikel 9

Entreegelden en contributies

Ieder lid is een entreegeld en een jaarlijkse contributie verschuldigd, welke van tijd tot tijd door de leden, op voorstel van het bestuur, worden vastgesteld. Voor personen die tijdens het verenigingsjaar worden toegelaten wordt de contributie naar tijdsgelang berekend.

artikel 10

Duur van het lidmaatschap

1. Duur

Het lidmaatschap geldt gedurende het bestaan van de club, tenzij het voordien op een wijze, als hierna vermeld, wordt beëindigd.

2. Beëindiging

a. Het lidmaatschap wordt door het bestuur met onmiddellijke ingang beëindigd, indien en zodra een lid niet langer aan de vereisten voor het lidmaatschap voldoet, tenzij zich een van de volgende uitzonderingsgevallen voordoet:

(1) Aan een lid, dat is verhuisd uit het gebied van de club of de omgeving daarvan, kan door het bestuur toestemming worden verleend tot afwezigheid gedurende een periode van ten hoogste een jaar teneinde dat lid in staat te stellen kennis te maken met een Rotaryclub van het gebied waarnaar dit lid is verhuisd, onder het voorbehoud, dat dit lid werkzaam blijft in dezelfde classificatie en aan alle overige verplichtingen van het Rotarylidmaatschap blijft voldoen.

(2) Het bestuur kan een lid, dat is verhuisd naar een plaats buiten het gebied van de club of de omgeving daarvan, het lidmaatschap laten behouden, onder het voorbehoud dat dit lid werkzaam blijft in dezelfde classificatie, en aan alle overige verplichtingen van het Rotarylidmaatschap blijft voldoen.

(3) Een lid, dat zijn classificatie verliest, kan, met uitdrukkelijke toestemming van het bestuur, gedurende een periode van ten hoogste een jaar zijn classificatie blijven vervullen en aan dat lid kan door het bestuur toestemming worden verleend tot afwezigheid gedurende die periode teneinde dat lid in staat te stellen een nieuwe functie te verkrijgen in het kader van zijn classificatie of in een andere classificatie, onder het voorbehoud, dat dit lid blijft voldoen aan alle overige verplichtingen van het lidmaatschap.

Het lidmaatschap blijft bestaan totdat het bestuur gemotiveerd anders aangeeft.

b. Opnieuw toetreden als lid

Indien het lidmaatschap overeenkomstig lid 2a is beëindigd, kan de betrokken persoon het verzoek doen opnieuw als lid te worden toegelaten, hetzij ter vervulling van dezelfde classificatie, hetzij ter vervulling van een andere classificatie.

c. Beëindiging Erelidmaatschap

Het erelidmaatschap eindigt door verloop van de bij de verlening van het erelidmaatschap door het bestuur gestelde termijn.

Het bestuur heeft het recht laatstbedoelde termijn te verlengen.

Het bestuur is bevoegd het erelidmaatschap te allen tijde in te trekken.

3. a. Beëindiging van het lidmaatschap wegens wanbetaling

Een lid, dat de contributie niet binnen dertig dagen na verloop van de daartoe gestelde termijn voldoet, wordt door de secretaris aan het laatst bekende adres schriftelijk tot betaling daarvan aangemaand. Indien de contributie vervolgens niet uiterlijk tien dagen na de datum van de aanmaning is betaald, kan het lidmaatschap door het bestuur worden beëindigd.

b. Een lid, wiens lidmaatschap aldus is beëindigd, kan door het bestuur, op zijn verzoek en na betaling van al hetgeen dit lid de club nog schuldig is, in zijn lidmaatschap worden hersteld, mits zijn classificatie inmiddels niet door een ander wordt vervuld.

4. Beëindiging van het lidmaatschap wegens het niet-bijwonen van de wekelijkse bijeenkomsten

a. Ieder lid dient:

(1) elk half jaar tenminste zestig procent (60%) van de gewone bijeenkomsten bij te wonen of zijn afwezigheid bij de eigen club goed te hebben gemaakt;

(2) elk half jaar tenminste dertig procent (30%) van de gewone clubbijeenkomsten bij te wonen.

Indien een lid niet voldoende bijeenkomsten bijwoont, kan het lidmaatschap worden beëindigd, tenzij het bestuur instemt met de afwezigheid vanwege deugdelijke redenen.

b. Een lid dat frequent afwezig is bij de clubbijeenkomsten zal door het bestuur worden benaderd met de vraag of hij zijn lidmaatschap wenst te continueren, tenzij zijn afwezigheid is toegestaan door deze statuten dan wel is goedgekeurd door het bestuur.

5. Beëindiging van het lidmaatschap wegens andere redenen

a. Het bestuur kan het lidmaatschap van een lid door opzegging beëindigen, wanneer dit lid niet meer voldoet aan de lidmaatschapsvereisten dan wel zich zodanig gedraagt, dat redelijkerwijs van de club niet kan worden gevergd het lidmaatschap te laten voortduren. Het besluit tot opzegging van het lidmaatschap op die grond wordt genomen met ten minste twee/derde van de stemmen van de leden van het bestuur in een voor dat doel gehouden bestuursvergadering.

b. Het bestuur kan een lid uit het lidmaatschap ontzetten, wanneer dit lid in strijd handelt met de statuten, het huishoudelijk reglement of de besluiten van de club, dan wel de club op onredelijke wijze benadeelt.

Het besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap wordt genomen met ten minste twee/derde van de stemmen van de leden van het bestuur in een voor dat doel gehouden bestuursvergadering.

c. In geval van opzegging, als bedoeld onder a., of ontzetting, als bedoeld onder b., wordt aan het lid ten minste tien dagen tevoren schriftelijk mededeling gedaan van de te nemen maatregel en wordt het betrokken lid in de gelegenheid gesteld om daarop schriftelijk tegenover het bestuur te reageren. Hij zal voorts het recht hebben om voor het bestuur te verschijnen teneinde zijn zaak toe te lichten. De hier bedoelde mededeling zal het betrokken lid persoonlijk worden overhandigd, dan wel bij aangetekende brief aan het laatst bekende adres worden toegezonden.

d. Indien het bestuur tot opzegging, als bedoeld onder a., of tot ontzetting, als bedoeld onder b., besluit, doet de secretaris, binnen zeven dagen nadat het bestuur zijn besluit heeft genomen, daarvan schriftelijk mededeling aan het betrokken lid, onder opgaaf van de redenen, welke tot dat besluit hebben geleid. Het betrokken lid is bevoegd te verlangen dat aangaande het besluit van het bestuur hetzij door de leden van de club als beroepsinstantie wordt beslist, hetzij arbitrage plaatsvindt met toepassing van het bepaalde in artikel 14, mits het betrokken lid binnen dertig dagen na ontvangst van de in de vorige zin bedoelde mededeling aan de secretaris schriftelijk van dat verlangen kennis geeft.

Indien het lid in beroep bij de leden wenst te gaan, bepaalt het bestuur de datum van de wekelijkse bijeenkomst, waarin dat beroep zal worden behandeld. Die bijeenkomst zal worden gehouden binnen éénentwintig dagen na ontvangst van de kennisgeving van beroep. Aan alle leden wordt ten minste vijf dagen tevoren van het houden van die bijeenkomst schriftelijk mededeling gedaan, onder vermelding van hetgeen aldaar zal worden behandeld; het bepaalde in artikel 13 lid 2, voorlaatste zin, is van toepassing.

In die bijeenkomst zal het beroep uitsluitend in aanwezigheid van leden van de club worden behandeld.

e. Indien het bestuur het lidmaatschap van een werkend lid door opzegging of ontzetting heeft beëindigd, gelijk hiervoor in dit lid bedoeld, zal de club geen nieuw lid in de door dat werkend lid vervulde classificatie verkiezen voordat de tijd, gedurende welke ten aanzien van het besluit van het bestuur behandeling in beroep of bij wege van arbitrage kan worden verlangd, is verstreken en, zo van dat verlangen tijdig kennis is gegeven, voordat de beslissing terzake in beroep of bij wege van arbitrage is gegeven.

f. Het besluit van het bestuur is bindend en definitief, indien geen of niet tijdig beroep op de leden van de club is gedaan, dan wel geen of niet tijdig arbitrage is verzocht. Indien beroep op de leden is gedaan, is de beslissing van de leden bindend en definitief.

g. Gedurende de termijn, hiervoor onder d., tweede zin, bedoeld, en hangende de beslissing in beroep of bij wege van arbitrage is het betrokken lid geschorst.

6. Beëindiging van een lidmaatschap door een lid

Opzegging van een lidmaatschap door een lid dient schriftelijk te geschieden aan de voorzitter of de secretaris.

7. Verlies van aanspraken

Bij eindiging van het lidmaatschap, op welke wijze ook, verliest het lid iedere aanspraak op gelden of goederen van de club.

artikel 11

Plaatselijke, nationale en internationale zaken

1. Het algemeen welzijn van de plaatselijke gemeenschap, van het eigen land en van de wereld vormt een onderwerp van zorg voor de leden. Ieder vraagstuk van algemeen belang, waarbij dat welzijn betrokken is, vormt een geschikt onderwerp voor een open en gedegen beschouwing en gedachtenwisseling tijdens een clubbijeenkomst tot voorlichting van de leden bij het vormen van hun eigen mening. De club zal zich echter onthouden van het publiekelijk geven van een oordeel over een aan de orde zijnde maatregel, de gehele gemeenschap betreffend, waarover de binnen de gemeenschap levende meningen verdeeld zijn.

2. De club onthoudt zich van het steunen of aanbevelen van kandidaten voor openbare functies en het bespreken van de voor- of nadelen van een zodanige kandidatuur in een clubbijeenkomst.

3. Erkenning van het ontstaan van Rotary

a. Jaarlijks gedurende een week, die aanvangt op de dag waarop Rotary is opgericht, zet de club zich ervoor in aandacht te geven aan de verschillende aspecten van de dienstvaardigheid van Rotary. Die week begint op drie en twintig februari en wordt aangeduid als de week van "World Understanding and Peace".

b. Behalve dat gedurende de sub a. bedoelde week de gelegenheid wordt geboden terug te zien op hetgeen in de achterliggende periode is tot stand gebracht zal in die week aandacht worden gegeven aan beleidsvoornemens, gericht op het bevorderen van vrede, wederzijds begrip en goodwill zowel binnen de eigen gemeenschap als daarbuiten.

artikel 12

Officiële Rotaryorganen

1. Tenzij de club overeenkomstig de bepalingen van het huishoudelijk reglement van Rotary International door het hoofdbestuur van Rotary International is ontheven van de verplichtingen, in dit artikel bedoeld, is ieder lid door het aanvaarden van het lidmaatschap gehouden tot het nemen en het gedurende zijn lidmaatschap aanhouden van een abonnement op het blad van Rotary International, dan wel op het in het land, waarin de club is gelegen, verschijnende, goedgekeurde en door het hoofdbestuur van Rotary International voorgeschreven blad. Het abonnement loopt voor perioden van telkens zes maanden. Het loopt zolang het lidmaatschap van de club duurt en eindigt na verloop van de periode van zes maanden, waarin het lidmaatschap is geëindigd.

2. Het abonnementsgeld wordt door de club voor ieder lid halfjaarlijks vooraf geïnd en overgemaakt aan het secretariaat van Rotary International, dan wel aan het kantoor, door welke het voor de club geldende maandblad wordt verspreid, afhankelijk van hetgeen het hoofdbestuur van Rotary International daaromtrent heeft besloten.

artikel 13

Aanvaarding van doelstelling en naleving van statuten en huishoudelijk reglement

Door betaling van entreegeld en contributie aanvaardt het lid de in de doelstelling van Rotary neergelegde grondbeginselen. Daarmee onderwerpt dit lid zich aan, stemt hij in met en is hij gebonden aan de statuten en het huishoudelijk reglement van de club. Alleen dan geniet dit lid de voorrechten die de club haar leden verschaft.

Een lid is gehouden tot naleving van de statuten en het huishoudelijk reglement, ook al mocht hij een exemplaar daarvan niet hebben ontvangen.

artikel 14

Arbitrage

Ingeval enig geschil mocht ontstaan tussen een of meer leden, dan wel een of meer voormalige leden enerzijds en de club, een functionaris of het bestuur van de club anderzijds met betrekking tot het lidmaatschap, een beweerde overtreding van de statuten of het huishoudelijk reglement, dan wel met betrekking tot beëindiging van het lidmaatschap door het bestuur, of om welke andere reden ook, en dat geschil niet naar genoegen volgens de van toepassing zijnde regels kan worden beslecht, wordt dat geschil door arbitrage beslecht. Iedere partij wijst een arbiter aan en die arbiters wijzen tezamen een derde arbiter aan. Alleen leden van een Rotaryclub kunnen tot arbiter worden benoemd. De beslissing van eerstbedoelde twee arbiters of, bij gebreke van onderlinge overeenstemming, die van de derde arbiter zal voor alle partijen bindend en definitief zijn.

artikel 15

Huishoudelijk reglement

De leden van de club stellen een huishoudelijk reglement vast, waarvan de bepalingen niet in strijd mogen zijn met de statuten en het huishoudelijk reglement van Rotary International (noch met de procedureregels geldend voor een "area administration", zo deze is ingesteld), noch met deze statuten. Het huishoudelijk reglement bevat in ieder geval nadere bepalingen met betrekking tot het bestuur van de club. Het huishoudelijk reglement kan van tijd tot tijd worden gewijzigd. Het bepaalde in artikel 17 lid 1, is ten aanzien van wijziging van het huishoudelijk reglement van overeenkomstige toepassing.

artikel 16

Uitleg

Met schriftelijk wordt in deze statuten bedoeld: per brief, telefax, telex, e-mail en elk ander communicatiemiddel dat een schriftelijk stuk kan produceren.

artikel 17

Wijzigingen

1. Deze statuten kunnen door de leden tijdens een clubbijeenkomst worden gewijzigd, mits alle leden ten minste tien dagen voor die bijeenkomst schriftelijk van de voorgestelde wijziging in kennis zijn gesteld, onder de mededeling dat tijdens die clubbijeenkomst het voorstel tot die wijziging zal worden behandeld.

2. Tot wijziging van artikel 1 of artikel 2 van deze statuten kan, met inachtneming van het bepaalde in artikel 4 lid 3, tijdens een clubbijeenkomst met gewone meerderheid van de stemmen van de aanwezige leden worden besloten. Een besluit tot wijziging, als in de vorige zin bedoeld, wordt aan het hoofdbestuur van Rotary International ter goedkeuring voorgelegd; dat besluit wordt eerst na het verkrijgen van die goedkeuring van kracht.

3. Tot wijziging van enig ander artikel van deze statuten dan die, bedoeld in lid 2, kan tijdens een clubbijeenkomst met gewone meerderheid van de stemmen van de aanwezige leden worden besloten, ongeacht het aantal aanwezige leden, doch dit slechts naar aanleiding van een met inachtneming van de desbetreffende voorschriften van Rotary International van kracht geworden daartoe strekkend besluit van de "Council on Legislation", dan wel de Conventie van Rotary International. Zodanig besluit wordt, wat de club betreft, geacht te zijn een voorstel tot statutenwijziging overeenkomstig bedoeld besluit.

4. Indien een voorstel, als bedoeld in lid 3, is gedaan, zal zo spoedig mogelijk, nadat het voorstel aan de club ter kennis is gebracht, aangaande het voorstel worden besloten.

Indien niet binnen vier weken, nadat het voorstel aan de club ter kennis is gebracht, door de leden overeenkomstig het voorstel is besloten, zal in een volgende clubbijeenkomst, te houden binnen vier weken na de eerste, het voorstel opnieuw aan de orde worden gesteld. De gouverneur wordt voor die volgende bijeenkomst uitgenodigd en wordt tijdens die bijeenkomst in de gelegenheid gesteld het voorstel, alsook de mogelijke gevolgen van het niet-aanvaarden daarvan, toe te lichten. Indien ook in die volgende bijeenkomst niet overeenkomstig het voorstel mocht worden besloten, doet het bestuur daarvan onverwijld schriftelijk mededeling aan de Algemeen Secretaris van Rotary International, onder opgaaf van de redenen waarom niet overeenkomstig het voorstel is besloten. Een afschrift van die mededeling doet het bestuur toekomen aan de gouverneur.

5. Het bestuur draagt ervoor zorg, dat een statutenwijziging, waartoe overeenkomstig het voorstel, bedoeld in lid 3, is besloten, in werking treedt op één juli, onmiddellijk volgend op de dag van de vergadering van de Council en Registration casu quo de Conventie, waarin het besluit terzake van die statutenwijziging werd genomen.

6. Het bestuur doet van een wijziging van enige bepaling van deze statuten of het huishoudelijk reglement schriftelijk mededeling aan de gouverneur.

7. Indien deze statuten in een notariële akte zijn opgenomen, is ieder lid van het bestuur afzonderlijk tot het verlijden van de akte van statutenwijziging bevoegd.

artikel 18

Ontbinding van de club en bestemming van een batig saldo

1. De club kan worden ontbonden door een daartoe strekkend besluit van de leden, dat tijdens een clubbijeenkomst met een meerderheid van ten minste twee/derde van de stemmen van de aanwezige leden wordt genomen. Het bepaalde in artikel 17 lid 1, is ten aanzien van ontbinding van de club van overeenkomstige toepassing.

2. Een batig saldo komt ten goede aan de stichting Stichting Maatschappelijk Werk in Rotary verband, gevestigd te Amsterdam. Indien die stichting niet meer bestaat, wordt aan het batig saldo een bestemming, bij voorkeur binnen Nederland, gegeven, te bepalen door de leden tijdens de in lid 1 bedoelde clubbijeenkomst. Die bestemming dient zoveel mogelijk in overeenstemming te zijn met de doelstelling van Rotary International.

De verschenen personen zijn mij, notaris, bekend.

WAARVAN AKTE

is verleden te Eindhoven op de datum in het hoofd van deze akte vermeld.

De zakelijke inhoud van de akte is door mij, notaris, aan de verschenen personen opgegeven en toegelicht. De verschenen personen hebben verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en daarmee in te stemmen. Vervolgens is deze akte na beperkte voorlezing door de verschenen personen en mij, notaris, ondertekend.