Navigatie overslaan en naar de inhoud
Rotaryclub Harderwijk |
|
Niet weten wat voor ons geschied is, is altijd kind blijven |
Cicero |
Met deze zinspreuk begint F.W. Drijver - gedateerd 23 februari 1955 - een eerste poging tot geschiedschrijving van onze Rotaryclub Harderwijk en het is zijn verdienste dat uit de eerste jaren voldoende materiaal is bewaard gebleven om ons een goed beeld te kunnen vormen van de oprichting en de beginjaren. Hij was de eerste clubsecretaris en bracht in een plakboek een aantal documenten bijeen. Het oudste daarvan is zijn brief aan rotarian Wegelin te Lunteren, toenmaals secretaris van de gouverneur van district 59, gedateerd 5 juni 1948. Die brief luidt: |
Hooggeachte Heer, Refererend aan het aangenaam onderhoud, hetwelk ik met U mocht hebben, bericht ik U dat ik meen de grondslag voor een Rotaryclub voor Harderwijk en omgeving te kunnen leggen. De koffie-maaltijden kunnen gehouden worden in Hotel Baars alhjer. Kosten f 1,75 De Heer Baars bleek al vele jaren de Rotaryclub in De Witte Brug te Den Haag bediend te hebben. Voor een uitnodiging tot het bijwonen van de eerste koffie-maaltijd kan ik U aangeven: Th. C. J. de Smidt, Drieerweg 13, Ermelo,' Belastingwezen. Deze Heer is Inspecteur-Hoofd van de Belastingdienst alhier. Ir A.L.Glazener, Statjonslaan 71, Harderwijk, Chemische Industrie; deze is directeur der N.V. Rubberfabrieken Ir L.H.Glazener. W. A. Salomons, Stationslaan alhier, Bouwmaterialen; de Heer Salomons is directeur der N.V. Asbestcementindustrie "Asbestona". H. C. A. Stadlander, Kerkplein 7, alhier, Geneeskunst, tandarts. G. J. W. Meynen, Bruggestraar 35 alhier, Geneeskunst, huisarts. F.W.Drijver, Donkerstraat 27 alhier, Bankwezen; directeur Incasso-bank. Het komt mij het beste voor met deze heren te beginnen, die dan over verdere toelating kunnen beslissen. In verband met de afwezigheid van enkelen (vacantie) zal het gewenst zijn de eerste koffiemaaltjjd einde Juli te doen houden. Intussen zou ik gaarne voor hen, met wie ik er reeds over sprak, zes exemplaren van Doel en Organisatie van Rotary International ontvangen. De Vrijdag zou een aangewezen dag zijn. Mag ik eens van U vernemen, wanneer een der heren einde Juli de eerste koffiemaaltijd alhier zou kunnen komen inleiden? Met mijn beleefde groeten en de meeste hoogachting, w. g. Drijver |
Niet zonder humor vermeldt Drijver verder: De geschiedenis van de club moet - hoe eigenaardig het ook moge klinken - vermelden, dat zij twee vaders heeft gehad. Zeven dagen nadat deze brief aan secretaris Wegelin verzonden was, werd ik door Kuiper bezocht die mij mededeelde eveneens aangezocht te zijn voor het stichten van een club te Harderwijk en mij uitnodigde te willen toetreden. Rotarians kunnen geen moeilijkheden met elkaar hebben en zo heeft zich ook nimmer een kwestie over het vaderschap voorgedaan. De club Apeldoorn - reeds bestaande sinds 1928 - werd onze Sponsorclub en Rtn Van Brero uit die club werd onze Commissioner. De eerste samenkomst vond plaats op woensdag 15 september 1948 in Hotel Baars te Harderwijk. Van deze bijeenkomst is een verslag bewaard gebleven in het archief en daarin lezen we dat die bijeenkomst werd geleid door Rtn Van Brero van de moederclub Apeldoorn; hij verzorgde tevens de inleiding. Als motto gaf hij: De dienaar gaat voorbij, de dienst blijft. Uitvoerig werden de doelstellingen en de historie van Rotary behandeld en in het kort vatte hij tenslotte samen: |
dat Rotary als organisatie niet bedoelt actief deel te nemen aan strevingen, ook al houden die op zichzelf een groot ideaal in. Maar wél dringt Rotary er op aan dat zijn leden individueel in de voorste gelederen meewerken om ieder streven dat gericht is op versterking en bevordering van hoogstaande beginselen actief te steunen. |
De realiteit verloor spreker echter niet uit het oog, getuige het volgende eind van zijn inleidende toespraak: |
En begrijpt U mij nu goed, Rotary is tenslotte een vereniging van mensen. En mensen hebben hun tekortkomingen en gebreken, en zo zou ik kunnen spreken van een vereniging van tekort schietenden en mét de man die eenmaal college liep bij de grote wijsgeer Gamaliël zeg ik: "Niet dat ik het reeds bereikt heb, maar ik jaag het na opdat ik het grijpen moge ". Wij jagen het na omdat ons hart dringt tot dienen, omdat we behoefte hebben aan vrienden, vertrouwde vrienden en behoefte om vriendschap te schenken. En dat vinden we in Rotary. |
29 sept. 1948 Er zijn 10 aanwezigen wanneer oud-gouverneur Van Mameren en Van Brero weer over Rotary vertellen, ditmaal over de internationale aspecten en de organisatie. Dat zijn: Kuiper (wnd voorz.), Jurriaanse, Drijver (wnd secr.), Salomons, De Smidt, Wuestman, Glazener, Dekker, Ds Boss en Denee. 6 oct. 1948 Behalve de bovengenoemden zijn ook Meynen en Ristjouw aanwezig. Jurriaanse (al Rotarian sinds 1926) geeft een vak praatje over de gedragslijn die hij volgde als Octrooi-gemachtigde en hoe de Rotary-richtlijnen hem steeds tot steun zijn geweest. 13 oct. 1948 Rtn Van Brero geeft zijn levensbericht 20 oct. 1948 De secretaris van de gouverneur, Rtn Wegelin, houdt een causerie over statuten en reglementen in Rotary. Er wordt een voorlopig bestuur gevormd: Voorzitter Dr K.Kuiper, ondervoorzitter Ir A.E.Jurriaanse, secretaris F.W.Drijver, penningmeester Th.G.J.de Smidt, commissaris van orde J.H.Denee. 27 oct. 1948 Voor het eerst is Oudemans aanwezig; Salomons houdt een vakpraatje. 3 nov. 1948 Wéér een nieuw gezicht: Meesters. Vakpraatje van Dekker over de verzorging van zwakzinnige kinderen. 10 nov. 1948 Vakpraatje van De Smidt over het belastingwezen. En zo kon in december 1948 voor het eerst onze club in oprichting naar buiten treden met een rondschrijven aan alle Rotaryclubs in Nederland - dat waren er toen ongeveer 50 - met als resultaat dat op WOENSDAG 19 JANUARI 1949 onze 20 charterleden, totaal 78 gasten vertegenwoordigend 28 clubs, mochten begroeten. De Gouverneur, Ds B.ter Haar Romeny, hield zijn installatierede en verder spraken Van Brero, Brusse, De Jongh en Drijver. Als dank voor alle moeite werd aan rtn Van Brero een sigarenbeker met het wapen van Harderwijk aangeboden. De Gouverneur stelde onmiddellijk het internationaal hoofdkantoor op de hoogte en enkele dagen later ontving hij de telegrafische bevestiging dat onze club op 26 januari 1949 officieel is aangenomen als lid van Rotary International, onder het clubnummer 7169. Het werd nu tijd om de feestelijke charter-uitreiking te gaan organiseren en op 12 maart 1949 ging er een circulaire uit aan alle rotaryclubs in Nederland met de volgende inhoud: |
Waarde vrienden, Op Vrijdag 1 April a.s. zal door de Gouverneur B. ter Haar Romeny de charter-uitreiking plaats hebben. Wij nodigen U gaarne uit met Uw dames daarbij tegenwoordig te willen zijn in HOTEL ITTMAN te NUNSPEET. Het zal ons een genoegen zijn, indien U aan deze uitnodiging gevolg wilt geven. De indeling zal zijn: 17.30-18.30 Ontvangst der gasten, tevens gelegenheid tot het gebruiken van een aperitief. 18.30 Charter-uitreiking 19.00 Gezamenlijke maaltijd. Geen avondtoilet. Opgave voor deelname wordt gaarne ingewacht door de secretaris voor 25 Maart. De kosten van het diner zijn f 6,50 (incl. bed. ). |
Als curiositeit zij vermeld dat het diner bestond uit: Oeufs à la Russe - Consommé Gibier - Noisette de Veau, garni, pommes frites - Bombe Nestelrode. |
In "Rotary Nederland" was het toen nog geen gewoonte om uitvoerig aandacht te schenken aan charter-uitreikingen en we vinden daarin alleen een stukje, geschreven door secretaris Drijver, met de volgende inhoud: |
Op Vrijdag 1 April had aan onze club, welke twintig leden telt, in tegenwoordigheid van meer dan honderd Rotarians de Charter-uitreiking plaats. De Gouverneur deed dit op zijn eigen gevoelvolle wijze en allen zullen door de Rotary-sfeer welke deze bijeenkomst in Hotel Ittman kenmerkte, getroffen zijn. De Club is zeer erkentelijk voor alle verkregen blijken van sympathie, vlaggetjes en niet het minst voor het geschenk van de moederclub: een voorzitters-hamer. De jonge club ontwikkelt zich gunstig en de leden zijn overeengekomen de Rotary-gezindheid eerst nog meer in eigen kring te doen ontwikkelen, alvorens nieuwe leden in hun midden op te nemen. |
Het club-territoir omvatte een groot gebied: de N.W.Veluwe vanaf Oldebroek/Wezep t/m Putten. De clublunches werden vastgesteld op woensdag van 12 tot 13.30 uur en de complete ledenlijst van de charterleden luidt: Dr. K. KUIPER (Koen), geb.1888, S.A.M., na zijn pensionering als directeur van diergaarde Blijdorp te Rotterdam, in Ermelo komen wonen, Kon.Emmalaan 14, reeds rotarian sinds 1924 en charterlid van de club Rotterdam. Hij bekleedde tijdelijk het voorzitterschap in de aanloop-periode 1948/49, was een zeer gedreven rotarian, oud-voorzitter van Rotterdam. Lid van onze club tot zijn overlijden in 1971. Tevoren - in 1969 - was hij benoemd tot ERELID. Ir. A.E.JURRIAANSE (Tom), geb. 1877 en het oudste lid van onze pas opgerichte club. Hij bezat een boscomplex te Hulshorst, waar hij ook woonde en zijn classificatie bij ons luidde "Houtindustrie-bosbouw". Hij had evenwel reeds een langjarige (sinds 1926) Rotary-ervaring achter de rug (in Den Haag?). Met zijn wat filosofische instelling mocht hij ook graag wat knutselen en hij vervaardigde voor onze jonge club de "Boss-pot". Bij het eerste lustrum van de club - in 1954 - werd hij benoemd tot ERELID. In 1960 is hij overleden. F.W.DRIJVER (Frans), geb. 1892; classificatie: Geldwezen, bankbedrijf. Hij was directeur van de toenmalige Incassobank, later overgenomen door de Amsterdamsche Bank, en opgenomen in de huidige Amro-bank. Hij woonde bij zijn kantoor, hoek Donkerstraat/Korte Kerkstraat. Een zeer joviale figuur, vol initiatieven, die een belangrijke rol speelde in het Harderwijk van zijn tijd. Zat in tal van besturen en is de grondlegger van het Veluws Museum. Initiatiefnemer bij de oprichting van onze club en de eerste secretaris van 1948 tot 1951. In het clubjaar 1952/53 was hij voorzitter. Overleden in 1960. W.A. SALOMONS (Wouter), geb. 1903, was directeur van de asbestcementindustrie “Asbestona” te Harderwijk. Class. Bouwmaterialen. Reeds in 1950 vertrok hij evenwel naar de Filippijnen. Van 1954 tot 1957 was hij weer in ons midden, waarna hij definitief Harderwijk verliet. Th.C.J. de SMIDT (Theo), geb.1904. Class. Staatsdienst. Hoofdinspecteur der Rijksbelastingen. Was penningmeester in de aanloopperiode 1948/49 en vervolgens de eerste echte voorzitter van de club (1949/50). Woonde in Ermelo, Drieërweg 13. In 1976 werd hij lid van de in dat jaar opgerichte “past-rotarians-club”, doch overleden in 1981. J.G. WUESTMAN (Jo), Class. Boekhandel en papierwaren, is slechts kort lid van de club gebleven. Reeds in 1951 beëindigde hij zijn lidmaatschap. Hij bezat een boek- en papierhandel op de hoek van de Markt/Wolleweverstraat. Ir L.M. GLAZENER (Leo), geb. 1897, class. Rubberindustrie, was directeur van de rubberfabrieken Ir L.M.Glazener, aan de Stadsdennenweg, Harderwijk, een familiebedrijf. Hij diende de club a1s voorzitter in het clubjaar 1959/60. In 1961 verliet hij de club wegens vertrek naar elders. H. DEKKER (Henk), geb. 1895, was directeur/geneesheer van de stichting ‘s Heerenloo te Ermelo. Clubvoorzitter 1950/51. In 1976 heeft hij op hoge leeftijd de club verlaten. Enkele jaren daarna overleed hij. Ds A.J. BOSS (Arie), geb. 1896, was geref. predikant te Ermelo. Woonde aan de Rietlaan 14 aldaar. Hij was de eerste beheerder van de Boss-pot, onze collectebus, die nog steeds naar hem genoemd blijft. In 1951 werd hij beroepen in Leidschendam, doch als emeritus kwam hij weer naar de Veluwe en werd in 1967 weer lid (S.A.M). Overleden in 1970. G.J.W. MEYNEN (Gerard), geb. 1897, was vele jaren huisarts te Harderwijk, Bruggestraat 35. In 1952/53 was hij penningmeester, in 1961/62 voorzitter en in 1968 verliet hij Harderwijk en tevens de club. Elders was hij nog een aantal jaren lid van een past-rotarians-club, alvorens te overlijden. J.H. DENEE (Max), geb. 1916, was bij de oprichting het jongste lid van de club. Apotheker te Harderwijk, Donkerstraat 50. Penningmeester in het jaar 1955/56, voorzitter 1977/78. Helaas vrij plotseling in 1982 overleden. Dr Th.C. OUDEMANS (Theo), zuivere wetenschap, econoom, eigenaar van het landgoed “Klein Schovenhorst” te Putten. Geb. 1892. De natuur, bossen, landleven hadden zijn grote liefde. Gespecialiseerd in naaldbomen, waarover hij eindeloos wist te vertellen. Zijn arboretum in Putten was internationaal vermaard in vakkringen. Auteur van diverse boeken, indertijd gepromoveerd op “boerenwagens”. Clubvoorzitter 1955/56, in 1977 ging hij naar de past-rotarians en overleed enkele jaren later. J.F. RISTJOUW (Jan) geb.1907, was directeur van de N.V.Verfindustrie “Veluvine” te Nunspeet. Voorzitter in 1957/58 en na 27 jaar trouw lidmaatschap in 1976 naar de past-rotarians gegaan. A.J.K. BINNENDIJK (Ben), geb. 1894, was chirurg en geneesheer/directeur van het ziekenhuis “Salem” te Ermelo. Bekleedde het voorzitterschap 1956/57 en bleef tot zijn overlijden in 1980 een der trouwste leden, steeds klaar om mee te gaan naar Faversham of enige andere excursie. Mr J.H.E. MEESTERS (Johan), geb.1904, was notaris te Nunspeet. Van 1949 tot 1951 was hij penningmeester van de club, in 1951/52 voorzitter. In 1977 sloot hij zich bij de past-rotarians aan en overleed enkele jaren later. Hij liet aan de club een legaat van f. 5.000,- na, inmiddels besteed aan service-doeleinden zoals door hem bedoeld. Mr H.POT (Her), geb. 1901. Class. Rechtswezen, kantongerecht, griffier. Hij diende de club in 1951/52 als secretaris en in 1958/59 als voorzitter. Overleden in 1975. H. KRAAIJENBRINK (Henk), geb.1906,was corpschef van de gemeentepolitie te Harderwijk. Daarnaast vele vrijetijds functies, zoals hopman bij de padvinderij. Penningmeester 1950/51, voorzitter 1954/55. Een zeer actief lid, die de club in 1959 verliet toen hij in Zutphen werd benoemd. T. VAN MAANEN (Teun), geb. 1914. Automobielindustrie, garagebedrijf Verkeersweg 3. Vooral de internationale aspecten van Rotary interesseerden hem en hij heeft aan de wieg gestaan bij het leggen van de banden met alle drie onze contactclubs. Vooral in Faversham kwam hij regelmatig. Clubsecretaris 1952/1954, voorzitter 1960/61. Als laatste van de charterleden is hij in 1988 overleden. R.A. RIZZI (Robi), geb. 1902. Hij was Zwitser, en directeur van de V.V.M. zuivelfabriek te Nunspeet, welk bedrijf toen Zwitsers eigendom was. Penningmeester 1951/52, voorzitter 1953/54. In 1964 is hij teruggegaan naar Zwitserland. J. KUIPERS (Jan), geb. 1900, directeur/eigenaar van het door hem opgebouwde constructiebedrijf te Nunspeet. Ondanks grote welstand steeds een eenvoudig mens gebleven, gewaardeerd om zijn hartelijkheid. Vele interessen, in zijn vrije tijd liefst achter zijn tekentafel of in zijn werkplaats. Eigenhandig vervaardigde hij een enorme miniatuurkermis, opgesteld in een apart gebouw op het strand te Harderwijk, alsmede zijn grootste werkstuk, een planetarium, te zien in de hal van Centraal Beheer te Apeldoorn. Clubpenningmeester 1960/61 en voorzitter 1962/63. In 1976 verhuisde hij naar Apeldoorn. De bovenstaande eerste 20 leden gingen actief aan de slag; in een clubverslag van 10 augustus 1949 lezen we dat Glazener enkele mededelingen doet over het bezoek van president Hodgson, “vooral over de nogal brandende kwestie van de toelating van Duitse clubs”. Op 18 november 1949 werd de eerste ladiesnight gehouden: een gezellig dinertje in hotel “De Stadsdennen” met totaal 36 aanzittenden. |
Voor de aardigheid de prijzen van toen: het dinertje kostte f. 4,-- p.p., een kop koffie of thee een kwartje, pils en bols 50 ct, sinas 55 ct en cognac f 1,50. |
Op 28 december 1949 een bijeenkomst met zoons waar voorzitter De Smidt een tafelrede hield over de geschiedenis en inhoud van Rotary en waar Ds Boss na de maaltijd de Kerstgedacbte stelde naast de Rotarybeginselen, en Jurriaanse gedichten las. Over Ds Boss gesproken: In bet jaarverslag 1949/50 dat zich in bet archief bevindt wordt vermeld: “De Boss-pot liet toe dat enige schenkingen gedaan konden worden”. De naam van de eerste beheerder ervan werd dus reeds in het begin van ons clubleven eraan verbonden. Zoals boven reeds vermeld werd de fraaie koperen collectebus in diezelfde beginperiode vervaardigd door ons lid Jurriaanse. Een nieuw lid werd eind 1949 reeds aangetrokken: C. DEN HERDER (Cornelis), geb. 1911, juwelier te Harderwijk, Donkerstraat 35. Actief organisator van clubevenementen, penningmeester 1954/55 en voorzitter 1964/65. Hij was de animator bij de oprichting van de past-rotarians-club in 1976, trad zelf ook tot die club toe, doch overleed kort daarna in 1978. In het voorjaar 1950 weer een nieuw lid: L. GERHARDT (Bert), geb. 1917, tandarts te Harderwijk, Donkerstraat 44. Penningmeester in 1959/60 en drie jaar secretaris 1970 tot 1973. In het voorjaar 1983 is hij helaas plotseling overleden. In de clubjaren die volgden sloten zich vijf nieuwe leden bij ons aan, die echter geen van allen lang zouden blijven: In 1951: IR. W.B.K. HENKES, geb.1905, indertijd als hoofdingenieur bij de Zuiderzeewerken in Harderwijk gestationeerd. In 1959 werd hij weer overgeplaatst, na de club van 1957 tot 1959 als penningmeester te hebben gediend. In 1952: W.P.R. GOSTELIE, geb.1899, ex-lid van de rotaryclub Medan (Sumatra) en opgenomen in de directie van de rubberfabriek L.M.Glazener. Hij verliet de club weer in 1955. W.LEUR (Wouter), geb. 1925, directielid van “Asbestona”. Zijn lidmaatschap duurde tot 1956. D. BLANKEN was militair, oud-lid van de R.C.Assen. Ging in 1953 echter al weer terug naar Assen. Zijn militaire classificatie werd meteen weer opgevuld door het aantrekken van J.H. COUZY, geb.1902 en ex-lid van de R.C.Wassenaar. In 1956 verliet hij onze club weer wegens vertrek naar Apeldoorn. Op 2 aug.1952 werd weer een lid geïnstalleerd, die heel wat langer zou blijven: IR. P.A. VAN SCHERMBEEK (Pieter), geb. 1902. Classificatie Houtindustrie, bosbouw; eigenaar van het landgoed Oud-Groevenbeek te Ermelo. Een markante, wat feodale figuur, zeer trouw clublid met steeds een zeer hoge attendance. Penningmeester 1953/54 en vervolgens 15 jaar lang plichtsgetrouw secretaris (1954-1970). Wegens zijn vele verdiensten voor de club werd hij in 1972 benoemd tot ERELID, hetgeen hij bleef tot zijn overlijden in 1979. Eveneens in augustus 1952 voegde zich bij onze club: P. VOS (Piet), geb. 1877, S.A.M., oud-lid van de R.C.Utrecht, vroegere classificatie Houtbedrijf/houthandel. Eigenaar van het landgoed Nieuw Groevenbeek te Ermelo. Tot zijn overlijden in 1966 bleef hij een trouw lid. In september 1952 werd voor het eerst een bezoek gebracht aan de ongeveer even jonge Rotaryclub FAVERSHAM in Kent, welk bezoek zou leiden tot blijvende vriendschapsbanden, zowel op clubniveau (contactclub) als bij verscheidene van onze leden, die meermalen de Britse gastvrijheid mochten ondervinden. De historie vermeldt helaas niet welke leden dat eerste bezoek brachten, doch het staat wel vast dat vooral Van Maanen internationaal actief was. In het archief is niets bewaard over de totstandkoming van het contact met de Deense Rotaryclub Bogense; ook deze club is in 1948 opgericht, iets eerder dan de onze, en voorzover bekend aan de samensteller van dit overzicht was Bogense in 1952 al een contactclub van Faversham en hebben wij ons aangesloten bij dit driehoekscontact. Over het clubjaar 1953/54 met Rizzi als voorzitter worden geen bijzonderheden vermeld; wèl dat hij nog twee Nunspeetse nieuwe leden installeerde, n.l. J. BURGER (Jaques), geb. 1893, architect van beroep en classificatie, filosoof en beeldend kunstenaar van aanleg. Na de oprichting van de club Nunspeet heeft hij de R.C.Harderwijk in 1973 verlaten en zich daarbij gevoegd. DR. F.H.J. PICARD (Frits), geb. 1906, directeur van de N.I.V.E., fabriek van eiproducten. In het clubjaar 1956/57 was hij penningmeester en in 1963/64 voorzitter. Stak zijn mening in het algemeen niet onder stoelen of banken, ook als hij kritiek had, en in 1971 droeg de club hem voor voor het gouverneurschap, wat ertoe leidde dat hij districtsgouverneur was in het Rotaryjaar 1972/73. Eveneens in 1954 werd na het vertrek van Ds Boss voorzien in die vacature door het installeren als lid van: Ds K.A. SCHIPPERS, Geref.predikant te Ermelo, geb. 1925. Reeds in 1956 heeft deze de club weer verlaten toen hij naar Nieuw Guinea vertrok. Wordt vervolgd... |
Onze Voorzitters 1948/49 Koen Kuiper 1949/50 Theo de Smidt 1950/51 Henk Dekker 1951/52 Johan Meesters 1952/53 Frans Drijver 1953/54 Robi Rizzi 1954/55 Henk Kraaijenbrink 1955/56 Theo Oudemans 1956/57 Ben Binnendijk 1957/58 Jan Ristjouw 1958/59 Her Pot 1959/60 Leo Glazener 1960/61 Teun van Maanen 1961/62 Gerard Meijnen 1962/63 Jan Kuipers 1963/64 Frits Picard 1964/65 Cornelis den Herder 1965/66 Sinus Brommet 1966/67 Klaas Timmerman 1967/68 Ben Volgers 1968/69 Joop Heimel 1969/70 Henk Westerhuis 1970/71 Frans Meuwese 1971/72 Fré Noordenbos 1972/73 Leen van de Hoonaard 1973/74 Karel Mars 1974/75 Abraham Rohfusz 1975/76 Jan Steunenberg 1976/77 Henk van Andel 1977/78 Max Denee 1978/79 Siep Sikkes 1979/80 Hans Rijsbosch 1980/81 Willem Enthoven 1981/82 Jaap de Jonge 1982/83 Ove Sørensen 1983/84 Rien Schoneveld 1984/85 Jan Bindels 1985/86 Jan Hilbers 1986/87 Henk van de Kolk 1987/88 Ad Sitsen 1988/89 Jan Buiter 1989/90 Gep Oldenhof 1990/91 Theo van de Vossenberg 1991/92 Bert Feijen 1992/93 Harry Koornwinder 1993/94 Henk van der Veer 1994/95 Klaas Mollema 1995/96 Arie v.d. Meijden 1996/97 Jan le Grand 1997/98 Clemens van Zeijl 1998/99 Heimen Kroon 1999/2000 Jan Haken 2000/01 Hans Droog 2001/02 Henk van Amstel 2002/03 Alex Speelman 2003/04 Gerard Slingerland 2004/05 Jan van Walsem 2005/06 Ans Withaar 2006/07 Cees van den Berg 2007/08 Jan Voorburg 2008/09 Rob Murris |