Over vredeswerk en imagoverbetering

U bevindt zich hier:

Je stapt in een lift en je moet er bij de volgende etage alweer uit. Iemand ziet je Rotaryspeldje. Wat zeg je in die korte tijd als hij vraagt wat dat betekent?

We zullen daar een antwoord op moeten vinden, al was het alleen maar om ons imago te verbeteren. De drukbezochte districtsconferentie in Den Haag gaat ook daarover. DG Henk Boersma memoreert de overledenen in zijn district, maar pleit vooral voor het aantrekken van veel nieuwe leden, om het vredeswerk van Rotary voort te kunnen zetten, want zorgen voor meer openheid, onderling begrip, schoon water, gezondheid, microkredieten en nog veel meer, is vredeswerk. Hij stelt ons zijn opvolger, Ton van Vliet, voor en vraagt zijn voorganger, Govert van Wesel, de tekst van de vertegenwoordiger van de wereldpresident, de Schot Gordon McInally, voor te lezen. (Gordon zit vast op Heathrow). Een mooie tekst waaruit ik een paar korte citaten pluk: ‘Mag ik eraan herinneren, dat de hulp van vier rotarians aan anderen begon met het openen van een publiek toilet in Chicago en nu 105 jaar later redden we de wereld van Polio. Ik bezocht het hoofdkwartier van Rotary in Evanston en iemand vroeg me: ‘wat maken ze hier?’ antwoord: ‘ze maken hier een verschil.’

Wat we voor onszelf doen sterft met ons, wat we voor anderen doen, blijft bestaan. En een mooi verhaal: Nobelprijswinnaar Toni Morrison schreef over een oude wijze man, die overal antwoord op wist. Twee jongens wilden hem op de proef stellen en een van hen zei: ‘Ik heb hier een vogeltje in mijn hand, is dat dood of levend?’ Antwoord: ‘Als ik zeg dat het leeft, knijp je het dood, als ik zeg dat het dood is, laat je het vliegen. Jij hebt dus de macht over leven en dood.’

Burgemeester Jozias van Aartsen noemt zijn stad ‘Een centrum van vrede en recht’, met niet alleen de regering, maar ook de internationale diplomatie, een groot aantal juridische instellingen, een grote gastvrijheid en veel cultuur. Maar wat de stad jarenlang gemist heeft is een universiteit. Die komt er nu in het najaar met een college voor internationaal recht als dependance van Leiden, naast het Institute for Social Studies.

Minister van Staat, prof. Peter Kooijmans, haakt in op ‘Vrede en Recht’. Dat begon al in 1898, toen had tsaar Nicolaas II het idéé voor een internationale ontwapeningsconferentie, liever niet in St. Petersburg, want als het een mislukking zou worden was dat ongunstig voor zijn stad. Misschien bij zijn nichtje, koningin Wilhelmina? Die voelde er ook weinig voor evenals de regering, maar toen de Amerikaanse spoorwegmagnaat, Andrew Carnegie, het wilde betalen, mocht het. In 1913 werd het geopend.

Die eerste ontwapeningsconferentie in 1898 – inderdaad in Nederland – was echt een mislukking, maar toen het gebouw er een paar jaar later stond kwam het goed van pas, o.a. in verband met de oprichting van de Volkenbond in 1919 en het eerste Permanente Hof van Internationale Justitie in 1922, in 1945 opgevolgd door het Internationaal Gerechtshof voor geschillen tussen staten.

En er kwamen steeds meer juridische instituten bij: In 1981 het Permanente Hof van Arbitrage, met het Iran-US /claims Tribunal; in 1994 het Straftribunaal (Joegoslavië) en in 1998 het Universeel Strafhof. In 2002 werd in Freetown het Special Court for Sierra Leone opgericht, met een Strafkamer in Den Haag, evenals in 2005 het Hariri tribunaal (Special Court for Lebanon) dat ook al uitweek naar Den Haag. Verder Europol en de OPCW, de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens.

De conferentiegasten worden in vijf groepen verdeeld die elk één van die instellingen bezoekt, waarna we onze ervaringen kunnen uitwisselen. De één vertelt over de pracht van het Vredespaleis, de ander met afschuw over wrede kindsoldaten en een derde over het met fluwelen handschoenen en heel goede beschermende kleding opgraven van mosterdgasgranaten uit WO I bij Ieperen en latere granaten elders.

Het GSE team uit de Filippijnen word voorgesteld en drie van de organisatoren, van de als een trein lopende conferentie, worden door Henk Boersma benoemd tot Paul Harris Fellow, evenals de opvolger van Henk Boersma, Ton van Vliet, omdat hij met zijn Rotary postzegelactie meer dan € 50.000 heeft opgehaald.

Aan het eind krijgen we nog een dansvoorstelling: Negen dansers lopen door elkaar heen, kijken met starre koppen recht voor zich uit, hebben geen aandacht voor de anderen ook al botsen ze tegen elkaar op, proberen soms de aandacht te trekken met schrikreacties, gekronkel of met acrobatische trucs, en vertonen slechts een klein lachje als de truc lukt, maar zelfs dan hebben de anderen nauwelijks belangstelling. Samengevat: Ze laten zien hoe zij denken dat de maatschappij er uitziet, en hoe nodig het is dat Rotary bestaat.

Een heel ander beeld geven de jongens van Rotaract (de club voor jongeren tussen 18 en 30 jaar die zich inzetten voor goede doelen), die zich overal behulpzaam opstellen, enthousiast praten over de jeugd en Rotary en zeker geschikt zijn om in de toekomst rotarian te worden.

Het Vredespaleis te Den Haag

Conrad van de Weetering

Image Navigation

Wevolve