Navigatie overslaan en naar de inhoud
1. |
Ieder jaar verblijven er zo’n vijftig buitenlandse jaarkinderen in de leeftijd van 15 – 18 jaar in ons land als gast van een Rotary club. |
2. |
Deze jongelui zijn hier omdat er een vrijwel even groot aantal Nederlandse jongeren in hun landen jaarkind van een Rotary club is. De mogelijkheid om een jaar in één of meerdere gezinnen heel intensief de gebruiken van het land te leren kennen wordt door meer jongelui gevraagd dan we kunnen aanbieden. |
3. |
In sommige Regio’s bestaat een roulatie schema waarbij iedere club eens in de vier jaar een jaarkind ontvangt. In september van ieder jaar stuurt de RJC van die regio een bijgewerkt schema rond en vraagt om bevestiging van ontvangst aan de “aan de beurt zijnde” clubs. Deze clubs sturen via de RJC een zgn voorzittersverklaring aan de selectie commissie. Hierin wordt de ontvangst van een jaarkind bevestigd en kan een eventuele voorkeur voor geslacht of land aangegeven worden. (Zonder deze verklaringen kan de regio jeugd commissie geen kandidaten uit de Regio voor uitwisseling voordragen). In andere regio’s geldt uitzenden = ontvangen. De CJC van de uitzendende club draagt er zorg voor dat de voorzittersverklaring samen met de aanmelding van de kandidaat naar de RJC gezonden wordt. |
4. |
Er zijn veel clubs die met een plaatselijke school contact hebben en ieder jaar kandidaten van die school voordragen voor uitzending en ook de gastkinderen op die school kunnen plaatsen. |
5. |
De jaarkinderen worden meestal in drie gastgezinnen gehuisvest. De jongelui van het Noordelijk Halfrond arriveren eind juli/begin augustus. Ze gaan in augustus naar een oriëntatie cursus van 8 dagen en ze gaan in juni voor ruim twee weken op reis door Europa. Daarna gaan de meesten naar huis terug. De jongelui van het Zuidelijk Halfrond arriveren meestal voor eind januari. Eind januari wordt de orientatie cursus gehouden. Ze nemen in juni deel aan de Europa-reis en vertrekken binnen een jaar na aankomst. Er wordt begin januari een ski-week georganiseerd waaraan ook zij deel kunnen nemen. In de zomer bestaat voor jaarkinderen uit het Zuidelijk Halfrond de mogelijkhied om mee te varen met de Eendracht. |
6. |
De procedure voor de ontvangst; de voorbereiding en de begeleiding gedurende het jaar is beschreven in een draaiboek. (Zie Draaiboek ontvangst Jaarkind) |
7. |
TGV de ontvangst van de voorzittersverklaring zal een landen-coordinator (Zie Contact) contact opnemen en t.z.t. het application form van het jaarkind aan de CJC van de gastclub toesturen, samen met een aantal andere formulieren. Gedurende de voorbereiding is de landencoordinator uw aanspreekadres. |
8. |
De ontvangst van een jaarkind is een fantastische mogelijkheid om met een buitenlandse club (de sponsor club) in een heel ander land een contact te leggen. Dat kan in de voorbereidingstijd en ook tijdens het verblijf. De taal is vaak een probleem!!! Niet in alle landen is er in de Rotary club iemand die Engels leest en schrijft en er tijd voor wil/kan vrij maken om contact te onderhouden. |
9. |
Het jaarkind moet zo snel als mogelijk is de Nederlandse taal leren. Alle middelen die daarbij helpen worden toegepast. Ze maken geen vrienden zonder zich in onze taal te kunnen uitdrukken. Eenzaamheid en heimwee is het gevolg. In het algemeen is pas na 4 maanden een aarzelend begin van spreken in het Nederlands merkbaar. |
10. |
Schoolbezoek is noodzakelijk voor de omgang met leeftijdgenoten. Lidmaatschap van sportclubs of cultureleclubs is eveneens een noodzaak voor integratie. |
11. |
Probeer het jaarkind in 5 VWO of 4 HAVO te laten plaatsen of als dat kan in een beroepsopleiding tussen jongeren van dezelfde leeftijd. In het studiehuis kunnen ze opdrachten krijgen die gericht zijn op leren kennen van typische Nederlandse zaken. De eerste tijd kunnen ze die in het Engels of in hun eigen taal uitwerken. |
12. |
De soms heel grote cultuur en gedragsverschillen kunnen de oorzaak zijn van vervelende misverstanden. Betrek Rotex die in het betreffende land zijn geweest bij de opvang van dit soort problemen. Alle inbounds uit de sterker afwijkende culturen hebben een Rotex toegewezen gekregen die als een junior-counselor geraadpleegd kan worden. Laat het gastkind contact opnemen met de inbound coordinator en of de landencoordinator of doe dat zelf (zie Contact). |
13. |
Onze jongelui hebben in het buitenland soortgelijke problemen. Ze wenden zich tot hun club counselor en of hun districts counselor in het gastland en de landencoordinator die verantwoordelijk is voor hun uitzending. |
14. |
Wacht niet zo lang met “hulp” in te roepen dat partijen zich hebben “ingegraven”. |
De jongelui hebben zich te houden aan internationale regels voor de uitwisseling, samengevat als de four D’s. Wij interpreteren die regels naar de Nederlandse gewoonten
1. |
Drugs: Staat niet ter discussie. Het gebruik ervan is een mogelijke reden tot “early return”. |
2. |
Driving: Auto of motor rijden staat niet ter discussie. De verzekering dekt het niet. |
3. |
Drinking: Dronkenschap is ontoelaatbaar. Het gastgezin, de omstandigheden bepalen wat toelaatbaar is, het gebruik van alcoholhoudende dranken is deel van de cultuur in vele landen. |
4. |
Dating: Het verbod bedoelt geen involverende relaties aan te gaan waarvoor andere contacten moeten wijken. |
Het probleem is dat de “regelgever” zich vaak niet bewust is van de regels en pas met “overtreding” wordt geconfronteerd tengevolge van onwetendheid, onvoldoende bespreking en gedragsverschillen. In alle landen is veel duidelijker waaraan men zich moet houden dan in Nederland. Wij stellen de grenzen door “aftasten en onderhandelen” Dat zijn deze jongelui niet gewend en dat is veelvuldig aanleiding voor misverstand. De jaarkinderen beschikken in het algemeen over een practische vragen lijst die ze met het gastgezin kunnen doornemen, (zie voorbeeld vragen gastgezin). Die lijst kan vanaf deze website ook vaak in hun eigen taal worden opgehaald (klik op een van de vlaggetjes)