clubstatistiek

statistiek

“There are three types of lies -- lies, damn lies, and statistics.”
― Benjamin Disraeli

de stand per 1 oktober 2020

 

Een BOX-PLOT is een vereenvoudigde grafische voorstelling, waarbij de op leeftijd gesorteerde club a.h.w. in vier gelijke porties is gehakt. Een aantal statistische kengetallen is in één oogopslag duidelijk. B.v. dat de leeftijd in onze club varieert tussen de 37 en 78 jaar (spreidingsbreedte), maar de helft tussen de 54 en 71 jaar oud is (kwartielafstand). De helft is jonger én ouder dan 61 (mediaan), terwijl tegelijk meer dan driekwart ouder is dan 50. Het rekenkundig gemiddelde (het vierkantje) toont dat de gemiddelde leeftijd in onze club toevallig (bijna) gelijk is aan de mediane leeftijd, namelijk 61 jaar.

 

aantal leden

41

aantal vrouwen

8

aantal jongeren (<= 45 jaar)

6

aantal 65+'ers

16

gemiddelde leeftijd

60,3 jr

aantal nieuwe leden (laatste 6 jr)

17

aantal leden bedankt (laatste 6 jr)

21

waarvan korter dan 4 jr lid

6

 

verjonging

 

"Rotaryclubs zouden hun oudere leden moeten aanmoedigen om over te stappen naar een club van past-Rotarians, teneinde beide organisaties te verjongen…"

"Rotaryclubs met een hoge gemiddelde leeftijd zouden hun oudere leden moeten aanmoedigen om plaats te maken voor jongeren, teneinde de club aantrekkelijk te houden (maken) voor jonge professionals…"

"Er zijn in Emmen twee clubs van past-Rotarians – de ene weet dat nog niet…"

 

In 1989 werd de club van past-Rotarians EmmenPlus opgericht. Waarom eigenlijk? De club had toen driemaal zoveel jongeren als nu, en bijna de helft van het huidige aantal 65+'ers. Niet bepaald het soort club dat nodig aan verjonging toe was. Door die dramatische uitstroom van twaalf leden tegelijk daalde zowel de gemiddelde leeftijd als het aantal 65+'ers inderdaad even.

 

 

Echter, slechts een paar jaar na die afsplitsing waren er weer evenveel 70+'ers als voorheen, was het aantal jongeren gehalveerd, evenals de groep 60- tot 70-jarigen. Door de achterblijvers werd het gevoeld als een gemis, niet als opluchting…

Kortom: deze verjongingskuur heeft op termijn noch de veroudering van onze club kunnen tegenhouden, noch de club aantrekkelijker weten te maken voor young professionals

En leeftijd kan toen niet het probleem zijn geweest. Waarschijnlijk zijn er veel trivialere oorzaken ("te duur", "niet elitair genoeg", "te weinig uitstraling", "vergaderend op minder geschikte tijden voor jonge gezinnen met tweeverdieners", enz.).

 

de jonge honden van toen zijn de krasse knarren van nu…

 

In de kiem blijkt het probleem van die ruime overmaat aan krasse knarren al aanwezig in 1987, in de vorm van een piek van jonge leden. In de zes daaropvolgende jaren wordt het probleem versterkt. En die piek rolt door de jaren heen steeds verder naar rechts, tot het de grijze golf van nu is geworden.

Wat te doen met die grijze golf? Rustig laten uitrollen op het strand van de tijd, lijkt mij. Ruim een kwart van onze club mag dan - sociologisch gezien - seniel zijn, maar daarom zijn ze nog niet seniel, als u begrijpt wat ik bedoel… Trouwens, die trotse piek van oude mannen gaat na de laatste seniorenuittocht al wat slap hangen, en over tien jaar zal hij vanzelf zijn verdwenen…

 

 

verloop

We hebben de neiging om onze club naar buiten toe voor te stellen als een wat oudere, maar stabiele club. Het kost wat moeite om nieuwe leden te werven, maar als ze eenmaal lid zijn, blijven ze dat tot in lengte van jaren. Een oud-lid zegt het zo:

"Er is weinig verloop van leden, omdat de club vanzelf een vriendenclub wordt. Dat is toch een grote kwaliteit van de club."

Een mooie kenschets, maar wat zijn de feiten?

 

 

 

de club krimpt

 

De ledenaanwas – over de laatste twintig jaar gemiddeld 2 nieuwe leden per jaar – was lange tijd voldoende om het verloop op te vangen, en een redelijk stabiele nulgroei te bewerkstelligen. Maar nu niet meer. Net als Rotary NL wordt ook onze club de laatste jaren gekenmerkt door een duidelijk negatieve groei…!

 

 

Wanneer dit uitsluitend het gevolg zou zijn van enerzijds het "uitsterven" van de geboortegolf, en anderzijds het halveren van het aantal beschikbare vissen in de vijver ten opzichte van 1980, dan zou er niet zoveel aan de hand zijn. Dan stabiliseert zich het aantal leden vanzelf op een lager niveau.

Aan de andere kant, het aantal beschikbare vissen in de vijver mag dan zijn gehalveerd, maar toen kenden we een vrijwillige vangstbeperking van 50% - de vrouwelijke vissen werden in die jaren per definitie ongeschikt bevonden en teruggegooid…! Die vangstbeperking is inmiddels - enigszins verlaat - opgeheven. Dus per saldo is het aantal te vangen vissen niet echt veranderd. Zou het dan toch liggen aan een verminderde aantrekkingskracht van Rotary? Dan hebben we een probleem…

 

"kwaliteit gaat vóór kwantiteit"

 

Inderdaad. Met de kwaliteit van jonge professionals – onze potentiële kandidaat-leden – is helemaal niets mis. Dus wat mankeert er aan de kwaliteit van onze club, dat men het niet langer als een eer beschouwt, om gevraagd te worden voor "een actuele, eigentijdse en relevante internationale serviceorganisatie van maatschappelijk betrokken beroepsbeoefenaren, die de kernwaarden vriendschap, integriteit, diversiteit, service en leiderschap hoog in het vaandel dragen"? Of zijn wij niet zo actueel, eigentijds en relevant als we zelf denken…?