Verslag van het vierde Oegstgeester Dictee 10-10-17 met tekst

Het vierde Oegstgeester Dictee was gezellig en verliep vlot

Op 10 oktober organiseerde Rotaryclub Oegstgeest e.o. voor de vierde keer het Oegstgeester Dictee. De locatie was de aula van het Teylingen College aan de Wijttenbachweg in Oegstgeest.

Het was een gezellige en geanimeerde avond. De tekst van het dictee, de muziek, de lekkere hapjes gesponsord door het mkb van Oegstgeest en de vele deelnemende teams (20) zorgden voor een bijzonder geslaagd geheel. Het dictee was geschreven door Rolien Paulus en Mirjam Jansen, twee (ex)docenten aan het Stedelijk gymnasium te Leiden. Het was heel toepasselijk geweid aan het leven van Jan Wolkers. De organisatie van het dictee is verheugd dat Onno Blom, biograaf van Jan Wolkers, bereid was gevonden het dictee voor te dragen. Ten opzichte van vorig jaar waren de foutenscores duidelijk lager (gemiddelde van de volwassenen was 37, van de studenten en scholieren was het 32). De dictees werden door de deelnemers zelf gecorrigeerd. Daarbij lichtten de drie juryleden de correcte spelling op humoristische wijze toe. De dictees met minder dan 20 fouten werden zorgvuldig door het team van correctoren en de juryleden nagelopen. De scores werden vlot verwerkt. Voorzitter van de jury was Ton den Boon, hoofdredacteur van de Dikke Van Dale. Marèse Peters, tekstschrijfster, en Rolien Paulus waren de twee andere juryleden. Tijdens de pauze speelde het trio bestaande uit Mignon de Lange (viool), Ben Schueler (klarinet) en Sofie de Klerk (accordeon). Vervolgens werd door een studentenvrijwilligster van de VoorleesExpress (Suzanne Rijnierse) op enthousiaste wijze verhaald over haar ervaringen bij een laaggeletterd gezin. Hans Portengen, directeur van de bibliotheken in de Bollenstreek, vertelde over de ernst van de situatie wat de laaggeletterdheid betreft in Nederland en Bollenstreek. Er deden dit jaar 79 dicteeliefhebbers en 3 dicteespecialisten mee. De prijswinnaar voor de categorie studenten was Suzanne Rijnierse met 25 fouten . In de categorie volwassenen was Jan Marten de Vries, met 14 fouten de beste. De tweede en derde prijs werd ex aequo gedeeld door Mignon de Lange en Job de Kruiff met 17 fouten.

C:\Users\Eigenaar\Desktop\Oegstgeester Dictee 2017\foto's\P1730929-1 verkl.JPG

Winnaar Jan Marten de vries, burgemeester Emile Jaensch en Rotary presentator Just Kerckhoff

In de categorie teams waren team Bona (Bonaventuracollege van de Mariënpoelstraat) en team Kornaat (een team door een Rotarylid opgericht) met respectievelijk een gemiddelde van 23 en 26 fouten de beste. Er deden twee teams uit de politiek mee; B&W en CDA van Oegstgeest. Het team van de CDA fractie won op overtuigende wijze van het team van B&W. In de categorie van de specialisten was Pieter van Diepen uit Leiden met slechts 1 fout in het liefhebbersdictee de beste. Hij won, met 11 fouten, ook nipt in het door Ton den Boon geschreven specialistendicteetje. In totaal werd door de deelnemers ruim € 1500,- bijeengebracht. Dit bedrag wordt nog vermeerderd door de bijdragen van de sponsoren. Het totaalbedrag wordt later in het jaar gepubliceerd. De Rotaryclub Oegstgeest e.o. dankt de deelnemers, het MKB van Oegstgeest en de sponsoren voor hun ondersteuning van de VoorleesExpress.

C:\Users\Eigenaar\Desktop\Oegstgeester Dictee 2017\foto's\JPEG afb vierde Oegstgeester Dictee 10-10-17\P1730666-1 verkl..JPG
Overzicht van de aula met deelnemers aan het vierde Oegstgeester Dictee 10-10-17.

Hieronder ziet u het dictee in z’n geheel.

1.

Het jaar 1925 was het geboortejaar van een memorabele, balorige en bij tijd en wijle excentrieke inwoner van Oegstgeest: Jan Wolkers, wiens naam gegrift staat in het geheugen van zowel de fine fleur der vaderlandse literatoren als dat van Jan en alleman. Zijn poëtische en prozaïsche nalatenschap kenmerkt zich door een alleszins beeldende taal, waarin de gerenommeerde schrijver zonder iets te bagatelliseren, zich consciëntieus rekenschap geeft van wat zijn leven bepaald heeft.

2.

De condities voor de schrijver in spe waren tenslotte sterk aanwezig: het orthodox-christelijke biedermeiermilieu waarin hij opgroeide stond garant voor een gedegen educatie in de tale Kanaäns, waarbij farizeeërs en schriftgeleerden een niet te veronachtzamen rol speelden. Zij beïnvloedden met hun apocalyptische gedachtegoed, waarin sombere toekomstvoorspellingen de boventoon voeren, op onappetijtelijke wijze de jeugd van Jan.

3.

Een centrale plaats in Wolkers’ oeuvre neemt de sleutelroman Terug naar Oegstgeest in. Het boek verscheen in 1965, niet lang na zijn debuut Serpentina’s petticoat. Het is een trefzeker, eerlijk portret van een onherroepelijk voorbije wereld van kroepketels en korsetten met baleinen. In alle boeken van Wolkers tref je een santenkraam van saillante personages aan die al dan niet in de agglomeratie van Oegstgeest gewoond hebben, zoals het rooms-katholieke vriendinnetje Ans en de NSB’er Van Grouw.

4.

Een dominerend en tenhemelschreiend motief in het autobiografische werk van Wolkers is de verhouding tussen de adolescent Jan en de Bijbelvaste vader, een steile calvinist, die pretentieus een wekelijkse kerkgang, een dagelijkse lezing in de Heilige Schrift en uiteraard een christelijke school decreteerde en die ervan overtuigd was dat God de mens uit liefde kastijdt. In deze burgerlijke omgeving wordt de agressie van de hoofdpersoon ten opzichte van de vader steeds pregnanter. Hij kan jeremiëren wat hij wil, zijn chagrijnige vader blijft een pietje-precies op het punt van de Statenbijbel. In deze machtsstrijd trekt de hoofdpersoon altijd aan het kortste eind zonder een verguisde zielenpiet te zijn.

5.

Desalniettemin bestaan er tezelfdertijd ook wederzijdse gevoelens van liefde tussen de ik-figuur en de vader. Wanneer het slecht gaat met de comestibles- en delicatessenzaak vanwege een gebrek aan klandizie in crisistijd, rent de ik-figuur naar de concurrent om de eigen winkel te foerageren.

6.

Ook tussen de ‘ik’ en zijn oudere broer bestaat jammer genoeg een
haat-liefderelatie. Hij verafgoodde zijn broer, maar keerde zich soms ook faliekant tegen hem. De ‘ik’ ontvreemdt op een bepaald moment alle foto’s uit de portefeuille van zijn broer. Ook al zaten daar geen staatsieportretten in, toch vindt de ‘ik’ zijn daad achteraf gênant als zijn broer in de Tweede Wereldoorlog overlijdt aan difterie.

7.

Oorzaken van frustraties zijn in Jans romans in ruime mate aanwezig. Het minderwaardigheidscomplex van de ‘ik’ wordt gesymboliseerd door het litteken op het voorhoofd, ontstaan door de bovengenoemde kroepketel die toentertijd bij baby’s gebruikt werd. Erik, de hoofdpersoon uit Kort Amerikaans, ervaart dit uiterlijke kenmerk als kaïnsteken; het weerspiegelt zijn eenzaamheid en isolement.

8.

De reikwijdte van zijn interesses was bijkans onbegrensd. Voordat hij verhalen en essays schreef, volgde Wolkers al een opleiding tot schilder-beeldhouwer. Zo werd hij onder meer geïnviteerd door de Franse regering om een jaar in Parijs bij Zadkine te werken, die hem de finesses van het vak bijbracht. Hij beeldhouwde onder andere het beeld ‘Moeder en Kind’, dat in het Plantsoen in Leiden te bewonderen valt.

9.

Daarnaast was Jan gefascineerd door de natuur en hij vermeide zich naar hartenlust in de lommerrijke contreien van Poelgeest en Endegeest, die een voedingsbodem vormden voor zijn encyclopedische kennis van flora en fauna. Over de spelling van namen van dieren en planten hoefde hij niet te prakkiseren: sliptong, ganzeriken, fluitenkruid, berenklauw, dovenetel, guichelheil en przewalskipaard vormden absoluut geen spellingkwesties voor hem. Kortom, Jan was een natuurvorser van jewelste!

10.

Later ontvluchtte deze flamboyante rauwdouwer de Oegstgeester microkosmos en ontpopte zich als een
non-conformistische bohemien, die zich, desnoods gehuld in adamskostuum, een prominente plaats verwierf in de hoofdstedelijke avant-garde. Nee, hij was geen
brave hendrik, geen negen-tot-vijftype. Integendeel: hij was een bon vivant, die een literaire escape uit het burgermansmilieu zocht in de onttaboeïsering van de seksualiteit. Scabreuze scènes als in Turks fruit choqueerden menig opvoeder in de jaren zestig terwijl de contemporaine middelbareschooljeugd er stiekem wel pap van lustte en besmuikt applaudisseerde voor dit enfant terrible van
’s lands letteren.