• Statenjacht De Utrecht
  • End Plasic Soup actie
  • Verrassende kunst & antiquariaat
  • Torenszicht
  • Utrechtse Rotary's samen in Stadsschouwburg
  • Greenhouse 2018
  • Bijeenkomst met spreker
  • KOOP TULPENBOLLEN!Info en bestellen
  • Seminar Foundation 21 novemberSchrijf je hier in!
Rotary Club Utrecht sinds 1923 in de lucht !

Welkom op onze website!

Rotary Club Utrecht is de op één na oudste Rotaryclub in Nederland, opgericht op 13 maart 1923. Rotary Club Utrecht maakt deel uit van de wereldwijde vereniging die Rotary International heet. Maar de club is niet alleen oud, zij is ook springlevend met zo’n 45 leden. We komen wekelijks bij elkaar op de dinsdag tussen 17.45 en 19.45 in het centrum van Utrecht, en bij activiteiten. Rotary is samen zijn en samen doen.

Het ‘fellowship’ binnen een Rotaryclub, de sfeer van vriendschap, gesprek en respect is een belangrijke pijler. Het samen zijn, elkaar ontmoeten en anderen leren kennen. De leden komen uit uiteenlopende (beroeps)sectoren van de samenleving. Bij de wekelijkse bijeenkomsten spreekt er vaak iemand van buiten de club over maatschappelijke, culturele of wetenschappelijke thema’s (en met discussie), of houdt één van de leden een inleiding.

Waar staan wij voor?

Rotary is wat heet een ‘serviceclub’, dat wil zeggen dat deze zich inzet voor maatschappelijke doelen en dienstverlening: het samen doen. Soms waren dit grote projecten als de bouw van het Utrechtse Statenjacht en de organisatie van Stick Together bij de Mytylschool Ariane de Ranitz in Utrecht. Momenteel werken we samen met het UAF, de in Utrecht gevestigde Stichting voor Vluchteling Studenten. Maar ook worden er regelmatig kleinere activiteiten georganiseerd met name voor Utrechtse jeugd. En nemen leden deel aan activiteiten die door andere worden georganiseerd zoals bij de World Cleanup Day. Internationaal steunen we al heel veel jaren de internationale Rotary actie: ‘ban polio de wereld uit’.

Kijk ook eens op de website over onze Stichting Community Service.

We staan midden in de Utrechtse samenleving en willen er vanuit de Rotary gedacht ook aan bijdragen.

Hoe kun je ons bereiken?

Als je meer wilt weten over de club of eens in contact wilt komen met ons, stuur dan een mailtje naar rotaryclubutrecht@outlook.com.

In vogelvlucht door de tijd (1)

Op 13 maart 1923 werd in het toenmalig Hotel des Pays Bas aan het Janskerkhof, Rotaryclub Utrecht opgericht. Dit enkele weken nadat in Amsterdam de eerste Rotary Club in Nederland werd opgericht (29 januari 1913). De club telde bij haar oprichting 15 charterleden; daarna groeide de vereniging gestaag naar zo’n 65 leden tien jaar later. Volgens de latere chroniqueur van de vereniging, de stadsarchivaris Eduard Struick, ontstond de Utrechtse club “in een sfeer van noodzakelijk idealisme na de afschuwelijk geleken ‘Grote Oorlog 1914-1918’”1  dat idealisme vond aansluiting bij de idealen en ideeën van Rotary International. Rotary International was in 1905 opgericht door een aantal jonge zakenlieden en professionals zoals we deze tegenwoordig zouden noemen, in Chicago onder leiding van Paul Harris. Zij verzetten zich tegen de uitwassen van de industriële samenleving die in alle scherpte naar voren kwam in industriegebieden als Chicago, de onverschilligheid voor sociale vraagstukken. Zij wilden ook zelf op een sociaal verantwoorde wijze hun werk uitoefenen, of dat nu leidinggevend was of niet. 

De club ‘van’ Paul Harris en zijn vrienden was zeker niet de enige in Chicago of elders, die zich zorgen maakten en wat wilden doen. Er was in feite een brede laag in de samenleving, veelal de betere middenklasse die met verontrusting en soms afschuw keken naar de ontwikkeling van de maatschappelijke verhoudingen met haar tegenstellingen en waarbij groepen buiten het schip vielen of dreigden te vallen. Het bijzondere van Rotary was wel dat de verenigingen, want na Chicago volgden er al snel tal van verenigingen in Noord-Amerika en ook spoedig in Europa, gebaseerd waren op een combinatie van doelstellingen en de samenstelling breed moest zijn. Wat betreft de doelstellingen was het altijd een combinatie van samen doen en samen zijn; dienstbaarheid naar de samenleving toe en naar elkaar. Dit vertaalde zich in wat later werd de vier Avenues gingen heten, en weer later werden dat er vijf: op deze Avenues is het verenigingsleven gebaseerd: 

  • club service:de leden zetten zich voor de club en de medeleden in. 
  • vocational service:in gesprek met elkaar een zo’n ethisch mogelijke houding bevorderen in werk en beroep 
  • community servicehet dienen van de (plaatselijke) gemeenschap door activiteiten en hulp in woord en daad, en door mogelijk financieel steun
  • international service:de wereld is één gemeenschap en clubs kunnen daaraan bijdrage door
  • nternationale contacten en steun aan internationale acties van Rotary of anderen
  • jeugd service:aandacht en inzet voor de komende generaties 

Ook de samenstelling is bepalend voor Rotary: deze is gebaseerd op dat de leden van een club uit uiteenlopende beroepen, werkzaamheden en maatschappelijke activiteiten komen. Juist door dit stelsel van classificatie, zo was en is het idee, kon men wat betekenen voor de samenleving en elkaar. Een grote verscheidenheid van herkomst, dus nooit vijf mensen met een zelfde bedrijf of beroep, hooguit twee, liever maar één. Het is juist de combinatie van doelstellingen en samenstellingseisen, die Rotary sterk hebben gemaakt, naast natuurlijk de leden zelf. Want op die laatste kwam en komt het altijd aan. Binnen de doelstellingen en de algehele structuur van Rotary International met ruim 35.000 clubs, waarvan weer ruim 500 in Nederland (2019) zijn de clubs redelijk autonoom en bepalen de leden het doen en laten van de clubs.  

De leden van de Utrechtse club kwamen zoals dat bij vrijwel alle clubs het geval was, uit de betere middenklasse. Je kunt ook zeggen dat het die groep was die zich wel bewust was van tal van maatschappelijke problemen en daar ook wat tegen wensten te ondernemen, maar die om sociale redenen geen lid van de vakbond of een vergelijkbare organisatie werden. Ook hadden zij niet de neiging om het economische stelsel dat vaak de bron van de ongelijkheid was waaruit vele van de problemen voortvloeiden, ter discussie te stellen. Zij maakten er vaak zelf deel van uit als directeur of professional. En men steunde de parlementaire democratie, die indezlefde jaren opkwam als de Utrechtse club. Er waren dus ook wethouders, de burgemeester, en vergelijkbare functionarissen waren lid. Eigenlijk de Utrechtse notabelen, en dan ook alleen maar heren. Het zou veranderen. 

In vogelvlucht (2)

Dienstbaarheid

De club kwam wekelijks bijeen tijdens de lunch; tussen 1923 en 1992, was dat met enkele onderbrekingen, in het al genoemde Pays Bas. Het realiseren van de doelstellingen stond voorop, zowel in het interne verenigingsleven waar vocational en lezingen over uiteenlopende onderwerpen ruimschoots de aandacht kregen, als bij maatschappelijke doelen. Bij deze laatste ging de aandacht in de eerste decennia met name uit naar bejaarden, jeugd en gehandicapten. Nu waren dat ook de meest kwetsbare groepen waar, in tegenstelling tot later, ook weinig aandacht voor was. Het was steun in activiteiten en geld. En regelmatig ook hield men lezingen op avonden van buurtcentra, kerkelijke genootschappen, verenigingen, etc. 

Na de tweede wereldoorlog, wanneer in de periode van Wederopbouw, ook de verzorgingsstaat vorm begint te krijgen, verandert ook het karakter van met name de maatschappelijke dienstverlening. Of zoals Struik het noemde in 1989: “de verzorgingsstaat deed nagenoeg alles”.2 Dat maakte dat de club wat meer naar binnen gericht raakte, maar de maatschappelijke dienstverlening was zeker niet uit beeld. Tal van lokale en regionale kleinschalige projecten werden ondersteund zoals voor jeugdwerk en gehandicapten.3 

Begin jaren ’80 kwam de discussie weer op of de inzet voor de samenleving niet beter kon en of er ook niet meer commitment zou moeten komen. Dat hing ongetwijfeld samen met dat Nederland in een economische crisis terecht was gekomen waardoor de Verzorgingsstaat onder druk kwam te staan, en door de zich langzaam wijzigende samenstelling van de club. Het leidde tot tal van projecten zoals bosonderhoud bij het Utrechts Landschap, Poolse ‘Hartkinderen’ of (het grootste) ‘Het Utrechts Statenjacht’, een leer- en werkproject voor jongere werkzoekenden. Het werd gebouwd tussen 1995 en 2003. Daarna was er een bijdrage aan de stichting van de Utrechtse Moestuin bij Maarschalkerweerd, en werd jarenlang de Mytylschool bij Maarschalkerweerd gesteund, onder andere met het organiseren van de jaarlijkse ‘Stick Together’ waar kinderen van de Mytylschool een dag samen sportten en speelden  met leeftijdsgenootjes uit het reguliere onderwijs. 

Community 

Utrecht was de tweede club in Nederland, maar vele volgden. Daar hadden soms leden uit Utrecht of Amsterdam ook de hand in gehad, maar zonder een sterke lokale basis kwam er geen club van de grond.  In 1930 waren er al 15 clubs, in 1950 waren dat er 55 en het bleef maar groeien. Ook in Utrecht waar naast de ‘moeder’ verschillende clubs werden opgericht. In 1955 Utrecht-West, in 1969 Utrecht-Noord, en 1985 Utrecht-Kromme Rijn en in 2004 Utrecht-Fletiomare. Daar bleef het niet bij, want in 2003 was er vanuit Rotaryclub Utrecht de ‘Past Rotarians’ opgericht. Twee jaar later kwam er dan ook (eindelijk) een afdeling van Rotary International in Utrecht, met veel leden uit buitenlandse bedrijven, universiteit en medisch centrum. En er was opgericht een afdeling van Rotaract, dat een eigen, met Rotary verbonden organisatie is voor leden tot 35 jaar. 

In al die jaren was het verenigingsleven, de dienstbaarheid naar elkaar, nimmer verflauwd. Het samen zijn, de vriendschap of in Rotary termen gezegd, het Fellowship, is een belangrijke pijler. Mensen die elkaar anders niet gauw zouden tegenkomen omdat ze uit zulke verschillende sectoren in de samenleving afkomstig zijn, ontmoeten elkaar tijdens de clubavonden en activiteiten. En het is net als in andere verenigingen. Tal van commissies gaven dat vorm en inhoud. Lezingen werden georganiseerd, discussies opgezet. Wel werden de bijeenkomsten naar het avondmaal verschoven. Voor velen was het namelijk niet goed meer mogelijk om bij de lunch aanwezig te zijn vanwege de drukte op het eigen werk of omdat men elders werkte. En dat is nog steeds, maar bij alle leden is er een directe band met Utrecht. Men kan er werken, of wonen, of beide, men heeft er lang gewoond, is er geboren, had er een winkel of is naar Utrecht toegekomen. 

Kort was hiervoor al opgemerkt dat de samenstelling ook verandering onderging: nieuwe generaties kwamen binnen, professionals vervingen de directeuren, de publieke sector kwam op en die van het bedrijfsleven liep (helaas) terug. En vanaf 1990 konden ook vrouwen lid worden. De eerste was de toenmalige burgemeester, Lien Vos-van Gortel. Momenteel bestaat bijna de helft van de club uit leden van het vrouwelijke geslacht. Veranderd zijn ook de onderlinge omgangsvormen, die werden, net als in de samenleving losser. Had men, een voorbeeld, elkaar altijd bij de achternaam genoemd, in de jaren ’80 werd de voornaam gebruikelijk.4 Maar andere zaken veranderden nooit: zo is er al vanaf 1925 altijd een voorwoord van één van de leden en is er altijd een lezing of discussie na de maaltijd. En praat men natuurlijk met elkaar, soms op ‘beschaafde toon’ en soms wat ‘luidruchtiger’ zoals de voorzitter in 1928 klaagde: “Elk apart waren zij zulke eerzame, bescheiden en rustige heren, maar samen produceerden zij een ‘onbetamelijk oorverdovend kabaal’.”5 Gelukkig maar denken we nu, levendigheid is een goede zaak                                                                                                        

Rotary werd opgericht in een sfeer van idealisme, van betrokkenheid bij de samenleving. En hoewel de wereld in de afgelopen eeuw aanzienlijk is veranderd, is die betrokkenheid bij de samenleving er nog steeds, en ook noodzakelijk. Maatschappelijke idealen is toch in de kern wat de leden bindt; bij het lustrum in 2013 bracht de club dan ook een boekje uit met de idealen van de leden. Voorop staat nog steeds het motto van Rotary: 'Service above Self', 

Bas Nugteren, september 2019