© 2022 Rotary in Nederland.
Alle rechten voorbehouden.

9 januari 2019: Nieuwjaarsbijeenkomst

ketting

9 januari 2019: Nieuwjaarsbijeenkomst

Op Landgoed Tespelduyn hield Rotaryclub Noordwijk en Omstreken haar nieuwjaarsbijeenkomst. Vast onderdeel is de toespraak van de voorzitter, die hieronder wordt weergegeven (minus een alinea die zich minder goed leent om op dit publieke deel van de website te plaatsen).

De voorzitter draagt daarbij uiteraard de voorzittersketting, met daarop de namen van de voorzitters. Dat zijn er bij ons nu 39. De nummer 40 op de ketting is de naam van de volgende voorzitter, die medio 2019 aantreedt.

Toespraak nieuwjaarsbijeenkomst 9 januari 2019 op Tespelduyn

door Piet Peeters, Voorzitter Rotaryclub Noordwijk en Omstreken

--------------------------------

De nieuwjaarstoespraak is voor de voorzitter van deze wondermooie club altijd zijn “finest hour”.

Ga maar na. Bij het aantreden, halverwege het jaar, kan hij roepen wat hij wil, maar hij gaat toch niet meer over het programma, dus tsja, wat maakt het uit…..

En aan het eind, voor mij over een half jaar, is het net als het afruimen van een volle tafel na een copieus diner. Het is dan wel mooi geweest. De scheidende voorzitter heeft de aandacht niet meer. Een nieuwe voorzitter treedt aan.

Nee, de nieuwjaarstoespraak, is het helemaal. Voor de voorzitter dan.

Dus daar komtie.

Wat is een voorzitter van een rotaryclub eigenlijk? Dat vroeg ik mij bij het voorbereiden van de toespraak af.

En toen bedacht ik me, laat ik het eenvoudig houden en bezien wat Rotary daar zelf over zegt. Dus ik heb er de statuten en het huishoudelijk reglement bij gepakt.

In het huishoudelijk reglement staat dat de voorzitter tot taak heeft de clubbijeenkomsten en de bestuursvergaderingen te leiden en verder die plichten te vervullen, die deze functie gewoonlijk meebrengt.

Dat valt weer alleszins mee. Dacht ik bij lezing daarvan.

Bij de inkomend voorzitter staat trouwens dat die deel uit maakt van het bestuur van de club en dat hij verder die taken vervult, die hem door de voorzitter worden opgedragen.

Laten we het er op houden dat bij ons dus de inkomend al 40 jaar door de voorzitter opgedragen wordt het programma te organiseren.

Ik ga nu niet de statuten en het huishoudelijk reglement analyseren, want dat valt buiten het beoogde lichtvoetige karakter van deze toespraak. Maar ze geven wel een mooi aanknopingspunt voor verdere beschouwingen.

Onze club werd pas in 2011 een notarieel opgerichte vereniging, dus met statuten die in een notariële akte neergelegd zijn, zulks ter beperking van de aansprakelijkheid van de leden. Ik heb ze er weer eens bijgepakt. En ik citeer artikel 4, het doel van Rotary:

-------------------------------------------------------------

ARTIKEL IV.

Doel.

Het doel van de club is het aanmoedigen en aankweken van het ideaal van dienstvaardigheid als grondslag van een waardige ondernemingsgeest en in het bijzonder het aanmoedigen en bevorderen van:

1. het beter leren kennen van anderen als een gelegenheid tot dienstvaardigheid;

2. het aanmoedigen en bevorderen van:

de toepassing van hoge ethische normen in bedrijf en beroep, de erkenning van de

waarde van iedere nuttige functie en het waarderen van de eigen werkkring door iedere

rotarian als middel om de maatschappij te dienen;

3. het aanmoedigen en bevorderen van:

de toepassing van het ideaal van dienstvaardigheid door iedere rotarian in zijn persoonlijk,

zakelijk en maatschappelijk leven;

4. het aanmoedigen en bevorderen van:

internationaal begrip, goede onderlinge verstandhouding en vrede door een

wereldomvattende kameraadschap van mensen, die werkzaam zijn in een bedrijf of beroep

en verenigd zijn in het ideaal van dienstvaardigheid.

----------------------------------------------------------

Het is zo af en toe mooi om de beginselen er weer eens bij te halen. En toen had ik ook het onderwerp van deze toespraak: hoe is het zo gekomen?

Want om het heden te begrijpen, moeten we het verleden kennen.

Wat we allemaal wel weten is dat Paul Harris in 1905 het begin was. Dat hij advocaat was, weten we ook nog wel. En dat hij met een paar vrienden begon.

De eerste bijeenkomst zou zijn geweest op 23 februari 1905. Vandaar ook dat alle Rotaryclubs in de gehele wereld in de week van 23 februari daarbij stil staan. Ik wist dat niet en ben me er ook nooit bewust van geweest. Ik weet ook niet of wij dat wel eens doen, als club, daar stil bij staan. Misschien vroeger in de beginjaren wel.

Enfin, daar hebben we al een eerste historisch feitje van belang.

Paul Harris was een advocaat die het opnam voor de sociale verdrukten. Hij stond, zo lees ik ergens op de Rotary-sites, mensen bij die slachtoffer waren van fraude en faillissementen. Hij was waarschijnlijk, wat we nu zouden noemen, een sociale advocaat.

Hij kwam met drie vrienden bijeen in Chigaco.

Met Silvester Schiele. Die zou later de eerste President van Rotary worden. Die had ooit 20 dollar uitgeleend aan een vriend maar kreeg dat niet terug en wendde zich toen tot de advocaat Paul Harris om die vordering te innen. Dat is denk ik gelukt, want beide mannen werden vrienden voor het leven. Schiele was kolenhandelaar.

Erbij was ook Hiram Shorey. In Engelse teksten wordt hij genoemd een handelaar in goederen. In Nederlandse teksten een textielhandelaar of kleermaker.

En er was Gustavus Loehr. Een mijnbouw ingenieur. Die is er maar een paar jaar bij betrokken geweest, maar die eerste bijeenkomst vond wel plaats op zijn kantoor: kamer 711 van The Unity Building in het centrum van Chigaco. Die kamer werd al snel een soort bedevaartsoord. Maar dat gebouw werd uiteindelijk gesloopt en de kamer werd ontmanteld en opgeslagen en nadien herbouwd op de begane grond van het hoofdkantoor van Rotary International in de plaats Evanston. Wat pal ten noorden van Chigaco ligt. Kamer 711. Onthou dat. Binnen Rotary is het een begrip, zij het dat ik dat tot nu toe niet steeds paraat heb gehad.

Deze vier vrienden bespraken de wenselijkheid van een zakenclub, die zich vooral zou moeten inzetten voor het bevorderen van sociale rechtvaardigheid, waar het toen, ruim honderd jaar geleden nogal aan ontbrak. De opzet zou zijn dat de leden steeds weer op elkaars werkplekken bijeenkomsten zouden houden. Om de beurt. Roterend dus. En vandaar Rotary.

Het succes was overweldigend. Al na tien jaar waren er 200 clubs en meer dan 20.000 leden. En toen deed zich dus ook de noodzaak gevoelen om op te splitsen in districten.

Ter gelegenheid van de historische pauswisseling in februari 2013 heeft de club tijdens de toen op de clubavond gehouden voordracht geleerd dat de structuur van de katholieke kerk verrassend simpel is. Er zijn drie bestuurslagen: de pastoors die de parochies bestieren, daarboven de bisschoppen met hun bisdommen en aan de top dan de Paus zelf. De kardinalen, waarvan velen denken dat die een aparte bestuurslaag vormen, zijn gewoon bisschoppen, werkzaam bij de paus. Een simpele structuur die al 2000 jaar uiterst succesvol is.

En dan de structuur van Rotary.

De onderste bestuurslaag van Rotary, daar luistert u nu naar. Uw voorzitter dus, met zijn bestuur. Daarboven hebben we dan de Gouverneur die zijn district bestiert. Wij vallen onder het District 1600, wat ruwweg gelijk is aan de provincie Zuid-Holland. De Gouverneur van dat district komt elk jaar langs om te checken of het wel goed met ons gaat.

En daarboven hebben we dan gelijk de President van Rotary International, de absolute baas.

Ik zelf heb lange tijd in de veronderstelling verkeerd, dat er ook nog een bestuurslaag als Rotary Nederland was, maar dat is niet zo. Er is wel een administratief landelijk steunpunt, maar dat is geen bestuurslaag. Bij Rotary Nederland worden de landelijke websites en de ledenadministratie bijgehouden.

Slechts drie bestuurslagen dus. Misschien is dat wel de sleutel tot een succes dat lang blijft voortduren.

In Nederland is de eerste Rotaryclub opgericht in 1922 in Amsterdam. Onze eigen club is opgericht in 1980 trouwens.

Wereldwijd zijn er 1,2 miljoen leden.

Bij het doornemen van de statuten trof mij een bijzondere bepaling, die mij verder aan het denken zette: het verbod om politiek te bedrijven en dan eigenlijk gewoon in de ruimste zin van het woord. Artikel 16.

Voor ons natuurlijk een absurde bepaling. Want als wij het nuttig vinden een avond te organiseren over de vraag of President Trump een zege of juist een bedreiging is voor de wereldvrede, dan moet dat natuurlijk kunnen.

Het is dan ook niet voor ons geschreven, maar voor de vele Rotaryclubs die bestaan in landen waar de vrijheid van meningsuiting niet zo hoog in het vaandel staat. Daar moeten ze natuurlijk kunnen wapperen met statuten die de overheden rustig houden. Die de indruk geven dat Rotary geen broeinest wordt voor van voor de lokale dictator onwelgevallige gedachten. Daar past ook het districtenstelsel mooi in. Je hoeft je dan niet te houden aan landsgrenzen, die immers niet overal ter wereld altijd even onbetwist zijn.

Via die bepaling geen politiek te bedrijven kwam ik uiteraard op de bezettingsperiode. De Duitse bezetter heeft toen Rotary verboden. Ze verboden trouwens bijna alles, zoals we weten.

De bezetter stelde Rotary zo ongeveer op één lijn met de vrijmetselarij en verbood in september 1940 ook Rotary. Dat was al eerder in andere bezette landen gedaan.

Om te proberen het een en ander te redden, tenminste zo verklaar ik dat, trok Rotary International de charters in. De toestemming om als club deel uit te mogen maken van Rotary International. Daarmee zou dan de band met Rotary International worden doorbroken en daarmee dan tevens de argwaan van de bezetter worden weggenomen, zo hoopte men. Maar dat mocht al niet meer baten.

Ik lees hier en daar dat sommige clubs nog wel bij elkaar bleven komen, maar dan natuurlijk niet onder de naam Rotary. Soms werden bijvoorbeeld toch nog bijeenkomsten georganiseerd met als dekmantel het bespreken van ”kunst” of iets anderszins onschuldigs.

Na de oorlog is Rotary alleen maar verder gegroeid. In ons eigen district was er gedurende de laatste jaren een terugloop in het aantal leden, zo leerde ik op een van de bijeenkomsten die je als voorzitter moet bijwonen, maar thans neemt het ledental weer toe. Verreweg de grootste groei is in Azië en Afrika, waar tegenwoordig vaak clubs van een paar honderd leden opgeknipt moeten worden.

Er zijn bijna 30.000 Rotaryclubs in de wereld. 30.000 ! En die functioneren in beginsel allemaal het zelfde. Ze hebben dezelfde structuur, zelfde bestuursopbouw, zelfde avenuen, zelfde gewoonten. En op dit moment staan er in onze tijdzone waarschijnlijk tientallen, misschien wel honderden voorzitters hun nieuwjaarstoespraakje te houden. En als het om honderden voorzitters gaat, die nu aan het woord zijn, dan zijn er vele duizenden Rotarians die op dit moment hopen dat het niet al te lang meer duurt.

Ik ben ook bijna door m’n speech heen trouwens.

Mijn kleine onderzoekje naar de geschiedenis van Rotary heeft in elk geval bij mij en ik hoop ook bij jullie nu, het gevoel weer eens extra versterkt dat we er trots op mogen zijn dat we Rotarian zijn. En dat als we soms het gevoel hebben dat de club weer even in een hogere versnelling moet komen, de kans groot is dat we bepaald de enige club van die 30.000 niet zijn, die daar zo af en toe tegen aan lopen. En dat het al 114 jaar altijd steeds weer goed komt met Rotaryclubs.

Ik geloof wel dat het daarbij van belang is dat we als club ons ook tamelijk nauwgezet houden aan de structuur en verdere opzet die Rotary International voorschrijft. Dus met avenues en commissies en andere voorschriften. Dát maakt ons namelijk tot een Rotaryclub. De marges waarin we wat kunnen wijzigen zijn eigenlijk wel klein. Niet om de clubs te beperken, maar omdat de ervaring geleerd heeft hoe een Rotaryclub het beste functioneert. Het lijkt me goed om er zo af en toe weer eens de voorschriften van Rotary bij te pakken als we ons afvragen hoe iets moet.

(…geschoond gedeelte…)

We hebben een wondermooie club, onderdeel van het mooiste internationale netwerk dat er bestaat: Rotary. Daar mogen we trots op zijn.

Namens het bestuur wens ik jullie allemaal het allerbeste toe voor 2019. Vooral veel gezondheid en dan komt het verdere geluk vanzelf ook wel.

Piet Peeters

Voorzitter 2018-2019

Een impressie (foto’s van Karel Deppe, tenzij anders aangegeven):

(foto Marianne Johansson)